Hogeschool West-VlaanderenHogeschool West-Vlaanderen

Bachelor in de ergotherapie

Specialization: [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]


Department Howest-Kortrijk
Course Bachelor in de ergotherapie
Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
Module Biomedische basiskennis 1
Code 05400761002208000005 Level Inleidend
Study time 270 Academic year 2013-14
Study load 9 Semester 1

Goals

Studie van de anatomie en fysiologie van het menselijk lichaam.
Kennis en inzicht verwerven in de werking van eenvoudige mechanische krachten binnen het menselijk lichaam.

Starting/initial competences

Geen specifieke begincompetenties

Module team

    • Chairman:
  • Members:
  • Danielle De Groote
  • Bart Mistiaen
  • Karen Soufflet
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Biomechanica 90 3 Het fysieke lichaam 180 6

    Description Biomechanica

    Contents

    Wat is een kracht.
    Voorstellen van een kracht.
    Berekenen van een kracht - resultante.
    Krachten ontbinden in factoren.
    Zwaartekracht.
    De drie wetten van Newton.
    Moment - Impuls.
    Evenwicht.
    Ergonomische hoofdprincipes.

    Subcompetences

    Level

    Activities

    doceren/hoorcollege demonstreren werkcollege (oefeningen, labo...)

    Lecturer(s)

  • Karen Soufflet
  • Bart Mistiaen
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100

    Description Het fysieke lichaam

    Contents

    Fysieke lichaam 1:
    I. Basisbegrippen
    II. Fysiologie : de cel, de weefsels, de spieren, zenuwweefsel, zenuwstelsel en zintuigen
    III. Anatomie van het onderste lidmaat: osteologie, artrologie, myologie, vascularisatie, innervatie, topografie
    IV. Ontleding van de beweging van het onderste lidmaat
    V. Integratie

    Subcompetences

    Level

    Activities

    doceren/hoorcollege werkcollege (oefeningen, labo...) excursie

    Lecturer(s)

  • Bart Mistiaen
  • Danielle De Groote
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 De samenstelling van de punten is als volgt: Anatomie 45%, Fysiologie 30%, Kinesiologie 15%, Integratie 10% 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 De samenstelling van de punten is als volgt: Anatomie 45%, Fysiologie 30%, Kinesiologie 15%, Integratie 10%
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Ergotherapeutisch referentiekader
    Code 05400761002216000004 Level Inleidend
    Study time 150 Academic year 2013-14
    Study load 5 Semester 1

    Goals

    De student leert over de geschiedenis van het beroep ergotherapie. De student verwerft kennis en inzicht in de kernbegrippen binnen de ergotherapie. De student leert modellen die gebruikt worden binnen de ergotherapie kennen en gebruiken. De student maakt kennis met methodiek en het SMART principe.
    Studenten krijgen een introductie van sociaal recht en van methodologie voor wetenschappelijk onderzoek binnen de ergotherapie.

    Starting/initial competences

    Geen specifieke begincompetenties

    Module team

  • Rik Braem
  • Anne Dejager
  • Siska Vandemaele
  • Description Ergotherapeutisch referentiekader

    Contents

    Deel 1: grondslagen in de ergotherapie
        Paradigma van de ergotherapie
        Grondleggers van de ergotherapie
        Werkveld
        Kernbegrippen en terminologie
        ICF en ergotherapeutische modellen
        Methodisch handelen: CPPF en klinisch redeneren
        SMART    

    Deel 2: Organisatie van de gezondheidszorg
        Overzicht van het Belgische sociale voorzorgsysteem (Sociale zekerheid)
        De Belgische ziekteverzekering
        Tegemoetkomingen voor gehandicapten en Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap
        Organisatie van de preventie en curatieve gezondheidszorg in Vlaanderen

    Deel 3: Wetenschappelijk onderzoek: methodologie
        Verschillende soorten wetenschappelijke onderzoek
        Piramide van evidentie
        Theorie rond evidence based practice
        PICO
        Stapsgewijs wetenschappelijke artikels leren opzoeken via databanken
        



    Subcompetences

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege werkcollege (oefeningen, labo...)

    Lecturer(s)

  • Rik Braem
  • Anne Dejager
  • Siska Vandemaele
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 70 Grondslagen in de ergotherapie: 55% Wetenschappelijk onderzoek: Methodologie: 15% 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 70 Grondslagen in de ergotherapie: 55% Wetenschappelijk onderzoek, methodologie: 15% 1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 30 organisatie van de gezondheidszorg 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 30 organisatie van de gezondheidszorg
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Ergotherapeutische basisvaardigheden 1
    Code 05400761002218000005 Level Inleidend
    Study time 150 Academic year 2013-14
    Study load 6 Semester 1

    Goals

    De student weet welke basisattitudes nodig zijn om een goede ergotherapeut te worden en hoe hij deze kan oefenen.
    De student kan rekening houden met de dynamica van groepen tijdens de ontwikkeling van een activiteit.
    De student kan een handeling analyseren.

    Starting/initial competences

    Geen specifieke begincompetenties

    Module team

  • Frank Dejonghe
  • Annick Laurez
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Analyse van handelen 75 3 Basisattitudes en groepsdynamica 1 75 3

    Description Analyse van handelen

    Contents

    Ergotherapie is onafscheidelijk verbonden aan het handelen. Daarom dient de student zicht te krijgen op de ontwikkeling van het handelen.  Hierbij wordt het interactiefperspectief uitgelegd gebasseerd op het DST-model (Dynamisch Systeem Theorie Model). Zo komen we bij de therapeutische waarde van het handelen met daaraan gelinkt  het verschil tussen handelen en activiteiten.  Daaruit volgt de handelingsanalyse  en de activiteitenanalyse  en de relatie tussen beiden. Om er in de praktijk mee aan de slag te kunnen gaan, worden praktische werkmodellen voor activiteitenanalyse en handelingsanalyse toegelicht.

    Vanuit deze theorische kennins dient de student handelingen te observeren en te analyseren en te evalueren en te rapporteren. Hij doet dit aan de hand van tussentijdse oefentaken en een voorbereidende opracht in kader van de module Analyse van handelen en activiteiten  - Sem 2.

    Subcompetences

    Level

    Activities

    doceren/hoorcollege groepswerk werkcollege (oefeningen, labo...) opdracht / taakgericht onderwijs werkplekleren (stage e.d.)

    Lecturer(s)

  • Annick Laurez
  • Activities

    Gedurende het hele semester werkt de student met 3 medestudenten een techniek/methodiek/activiteit uit die hij als groepleider zal aanbrengen bij een groep medestudenten (8-tal) in sem 2 binnen de module Analyse van het handelen en activiteiten.

    Na elk theorisch hoofstuk krijgt de student de opdracht de verworven kennis om te zetten in fuctie van zijn groepssessie.

    De totale opdracht omvat:
    • Het  kaderen van de activiteit binnen de handelingsgebieden
    • het beschrijven van het didactisch materiaal en de techniek.
    • Het uitvoeren van een activiteitenanalyse
    • Integreren van methodische principes in de voorbereiding van de activiteit
    • Aanpassen en graderen van de activiteit en de participatie


    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 buiten examenrooster opdracht: schriftelijk 40 Deze opdracht omvat een schrifftelijke uitwerking van een activiteit die in Sem 2 Analyse van het handelen en activiteiten wordt gegeven. 1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 60 2 examenperiode 3 buiten examenrooster opdracht: schriftelijk 40 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 60

    Description Basisattitudes en groepsdynamica 1

    Contents

    Binnen basisattitudes krijgt de student kennis mee met als doel zichzelf als toekomstige paramedicus goed te leren kennen, wat zijn mijn kwaliteiten, waar zitten mijn valkuilen en waar liggen mijn leerdoelen. 
    De student leert observeren, leert feedback geven en ontvangen, leert rapporteren. 
    Groepsdynamica leert de student wat een groep is, hoe die tot stand komt en welke verschillende fasen er binnen een groep aan bod kunnen komen.  Als ergotherapeut dient er vaak met een groep gewerkt te worden. 
    Beide delen van deze partim zijn de basis voor de vormingsdagen in S2 of Basisattitudes en groepsdynamica 2.

    Subcompetences

    Level

    Activities

    doceren/hoorcollege demonstreren groepsdiscussie

    Lecturer(s)

  • Frank Dejonghe
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Humane wetenschappen
    Code 05400761002212000005 Level Inleidend
    Study time 150 Academic year 2013-14
    Study load 6 Semester 1

    Goals

    Kennis en inzicht verwerven in de menselijke gedragingen; de domeinen en methoden in de psychologie, de persoonlijkheidstheorieën en hun weerslag op de therapie.

    Kennis en inzicht verwerven in het normale verouderingsproces op fysisch, psychisch, sociaal, spiritueel vlak en de link met ergotherapie

    Final competences

    LR.1. Als observator kan de ergotherapeut de nodige gegevens halen uit het concrete handelen van de cliënt en het cliëntensysteem om zijn interventies te plannen en te sturen.



    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Laurence Dhaene
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Gerontologie 60 2 Psychologie 90 3

    Description Gerontologie

    Contents

    In deze inleiding wordt het ouder worden van de gezonde mens op alle vlakken belicht.
    Inhoud : 
    - Proces van het ouder worden van de gezonde mens, zowel op fysisch, psychisch en sociaal en  spiritueel vlak, wat is de  levensverwachting van de ouder wordende mens. 
    - Verschillende theorieën over ouder worden komen aan bod, ICF als multidisciplinair kader, evenals woonvoorzieningen voor ouderen, de beeldvorming over ouderen, de fragiele oudere. 
    - Maatschappelijke visie : wie is de oudere zorgvrager van de toekomst en de gevolgen voor de ergotherapie.
    - Ergotherapie in verband met de oudere zorgvrager wordt belicht, evenals de taken als ergotherapeut in de thuiszorg.
    - De studenten leren de werkvorm reminiscentie kennen en ook een aantal bewegingsprogramma's. 
    In dit programmaonderdeel wordt een namiddag georganiseerd door de studenten met senioren. De senioren worden uitgenodigd om hun levensverhaal in relatie tot ergotherapie te brengen. De studenten reflecteren over deze middag en leggen de eventuele linken met de cursus vast in een schriftelijke rapportage.

    Subcompetences



    DC.1.4. De student vertrekt voor zijn observaties steeds vanuit het cultureel referentiekader van de cliënt en/of het cliëntsysteem.

    DC.2.1. De student zoekt informatie in  recente cursussen, wetenschappelijke documenten aangevuld met  beschikbare literatuur in de instelling.

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege groepsdiscussie opdracht / taakgericht onderwijs vertellen

    Lecturer(s)

  • Linda Nuyttens
  • Activities

    Seniorennamiddag : enkele senioren stellen zichzelf en hun levensverhaal voor.
    De studenten reflecteren over de ervaringen met de senioren, leggen de linken met de cursus en maken individueel een schriftelijk rapport van minimaal 3000 woorden.

    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 85 1 examenperiode 1 buiten examenrooster opdracht: schriftelijk 15 opdracht seniorennamiddag 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100

    Description Psychologie

    Contents

    Algemene omschrijving
    In deze partim krijgt de student inzicht in wat gedrag is, welke soorten gedragingen bestaan (ook de onzichtbare gedragingen zoals waarneming, geheugen, verbeelding, dromen…).
    Daarnaast verwerft de student een globaal inzicht in de psychologie. Die inzichten kunnen gesitueerd worden in het domein van de menswetenschappen.

    Inhoudsopgave
    - Begrip, domeinen en methoden van de psychologie 
    - Functieleer (waarneming, geheugen, denken, behoeften, motivatie,...)
    - Intelligentie
    - Persoonlijkheid en een aantal persoonlijkheidstheorieën

    Subcompetences

    DC.1.4. De student vertrekt voor zijn observaties steeds vanuit het cultureel referentiekader van de cliënt en/of het cliëntsysteem.



    DC.2.1. De student zoekt informatie in  recente cursussen, wetenschappelijke documenten aangevuld met  beschikbare literatuur in de instelling.



    DC.4.1. De student motiveert elk aspect van zijn therapeutisch handelen vanuit een eigen gekozen theoretisch referentiekader.

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege probleemgestuurd onderwijs of case-studie groepsdiscussie

    Lecturer(s)

  • Laurence Dhaene
  • Activities

    Studenten werken een aantal opdrachten (cases, toepassingen,...) uit in kleine groepen.
    De docent geeft feedback op de ingediende opdrachten.

    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Observatiestage
    Code 05400761006315000004 Level Inleidend
    Study time 90 Academic year 2013-14
    Study load 3 Semester 1

    Goals

    Tijdens de observatiestage verkrijgt de student door participerend observeren zicht op de ergotherapeutische werking binnen een bepaalde setting en vormt zich een algemeen beeld van de doelgroep.
    Hij maakt zich een aantal ergotherapeutische basisattitudes eigen en profileert zich vooral als gezondheidswerker.

    Final competences

    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.

    LR.6. Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.

    LR.9. Als manager zorgt de ergotherapeut mee voor het optimaal functioneren van de dienst ergotherapie in het geheel  van de organisatie

    LR. 10. Als teamplayer functioneert de ergotherapeut efficiënt als lid van een team, neemt medeverantwoordelijkheid op voor collectieve resultaten en heeft zicht op zijn eigen rol voor de organisatie, zowel binnen de organisatie als in de bredere maatschappelijke context.

    LR.11. Als onderzoeker werkt de ergotherapeut mee aan toegepast wetenschappelijk onderzoek. De ergotherapeut voert daarbij eenvoudige, afgebakende onderzoeksopdrachten zelfstandig uit en rapporteert daarover aan vakgenoten en/of leken.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Anne Dejager
  • Frank Dejonghe
  • Annabel Deneckere
  • Annick Laurez
  • Bart Mistiaen
  • Linda Nuyttens
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Griet Vanhooren
  • Description Observatiestage

    Contents

    De student loopt 70 uur stage (gespreid over 2 weken) in één van de vier interventiedomeinen.
    De student maakt een stagemap op conform de omschrijving in het stagevademecum OST, uiteengezet tijdens de stagelessen.

    In het kader van procesbegeleiding neemt de student formuleert de student leerdoelen voor de komende stage en reflecteert hij na de stage tijdens een supervisiemoment met zijn procesbegeleider.

    Subcompetences

    De deelcompetenties en de evaluatiecriteria kunnen worden teruggevonden in het stagevademecum van het academiejaar 2011-2012, dat integraal deel uitmaakt van deze studiefiche. Het stagevademecum is ter beschikking via LEHO.

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege werkplekleren (stage e.d.) opdracht / taakgericht onderwijs demonstreren groepsdiscussie

    Lecturer(s)

  • Anne Dejager
  • Frank Dejonghe
  • Annabel Deneckere
  • Annick Laurez
  • Bart Mistiaen
  • Linda Nuyttens
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Griet Vanhooren
  • Activities

    • Stagemap:
      • bevat stagedocumenten en verslaggeving conform het 'Vademecum Observatiestage 2013-2014'.
      • De map wordt ingediend aan de procesbegeleider tijdens de supervisie
         
    • Participatie tijdens de contactmomenten in het kader van procesbegeleiding
      • Voor de stage: contactmoment voor het formuleren van leerdoelen
      • Na de stage: supervisie in groep met reflectie op de voorbije stage.


    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 buiten examenrooster permanente evaluatie: andere vorm of combinatie van vormen 100 5% procesbegeleiding, 5% stagemap, 90% stage. Alle delen dienen afgelegd te worden.
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Biomedische basiskennis 2
    Code 05400761002221000004 Level Inleidend
    Study time 240 Academic year 2013-14
    Study load 8 Semester 2

    Goals

    Studie van de anatomie, fysiologie, myofasciale begrippen en bewegingsleer van het menselijk lichaam.

    Starting/initial competences

    Geen specifieke begincompetenties

    Module team

  • Danielle De Groote
  • Kim Dujardin
  • Description Biomedische basiskennis 2

    Contents


    Het fysieke lichaam 2 :

    I. Anatomie van hoofd, hals, thorax, romp en bovenste lidmaat: osteologie, artrologie, myologie, vascularisatie, innervatie, topografie
    II. Ontleding van de beweging van het bovenste lidmaat
    III. Myofasciale begrippen
    IV. Fysiologie: bloed en lymfestelsel, hart en vaatstelsel, ademhalingsstelsel, hormonaal stelsel, genitaal stelsel 

    Subcompetences

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege werkcollege (oefeningen, labo...) excursie

    Lecturer(s)

  • Danielle De Groote
  • Kim Dujardin
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 De samenstelling van de punten is als volgt: Anatomie 45%, Fysiologie 30%, Kinesiologie 15%, Integratie 10% 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 De samenstelling van de punten is als volgt: Anatomie 45%, Fysiologie 30%, Kinesiologie 15%, Integratie 10%
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Ergotherapeutische basisvaardigheden 2
    Code 05400761002231000005 Level Inleidend
    Study time 150 Academic year 2013-14
    Study load 6 Semester 2

    Goals

    Via vormingsdagen wordt de cursus basisattitudes 1 verder geexploreerd. De student leert contact nemen, begeleiden en vertrouwen. De student wordt zich bewust van zichzelf door het opmaken van een persoonlijk organigram, het spelen met subpersoonlijkheden en het opmaken van zijn eigen kernkwadranten.

    Aanleren van een ergotherapeutische activiteit aan een groep medestudenten volgens de "schriftelijke voorbereiding" uit de module "ergotherapeutische basisvaardigheden 1" - partim "activiteiten". Iedere sessie wordt afgesloten met een evaluatie. Tijdens de groepssessies doen de studenten ervaring op i.v.m. activiteiten uitvoeren met een beperking vb. vanuit de rolstoel.

    De student leer hoe hij  dient te reageren in levensbedreigende situaties: bewusteloosheid, ademhalingsstilstand, verslikking, bloedingen, hartaanval, beroerte, brandwonden. Daarom leert hij ook Reanimatietechnieken, evacuatietechnieken, verbandmiddelen aanbrengen in de praktijk.

    Final competences

    LR.1. Als observator haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit het concrete handelen van de cliënt en het cliëntensysteem om zijn interventies te plannen en te sturen. 



    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.



    LR.5. Als behandelaar geeft de ergotherapeut op een methodische wijze een veranderingsproces vorm met als doel de mogelijkheden van de cliënt te optimaliseren zodat de kwaliteit van leven voor de cliënt verbetert.



    LR.7. Als adviseur begeleidt de ergotherapeut de cliënt en het cliëntsysteem op een methodische wijze in hun zoektocht naar middelen en/of aanpassingen die het handelen van de cliënt en het cliëntsysteem bevorderen.



    LR.9. Als manager zorgt de ergotherapeut mee voor het optimaal functioneren van de dienst ergotherapie in het geheel  van de organisatie



    LR. 10. Als teamplayer functioneert de ergotherapeut efficiënt als lid van een team, neemt medeverantwoordelijkheid op voor collectieve resultaten en heeft zicht op zijn eigen rol voor de organisatie, zowel binnen de organisatie als in de bredere maatschappelijke context


    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Christian Clarisse
  • Danielle De Groote
  • Anne Dejager
  • Frank Dejonghe
  • Kim Dujardin
  • Sofie Keppens
  • Stefan Lambert
  • Annick Laurez
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Griet Vanhooren
  • Nele Verhenne
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Analyse van handelen en activiteiten 50 2 Basisattitudes en groepsdynamica 2 75 3 Dringende hulpverlening 25 1

    Description Analyse van handelen en activiteiten

    Contents

    Gebaseerd op de voorbereidingen van de module Ergotherapeutische Basisvaardigheden 1 - Partim Analyse van het handelen - worden groepssessies gegeven.

    Simultaan gaan verschillende activteiten in deelgroepen door. Elke student neemt eenmalig de rol als groepleider op.
    De overige groepsessies participeert hij als groepslid met of zonder beperkingen (vanuit rolstoel, eenhandig, visuele beperking, ...)

    Hierdoor leert de student een activiteit te organiseren en bij te sturen op noden van de groepsleden en ervaart hij  de impact van een beperking op het dagelijks functioneren van een persson.





    Subcompetences

    Level

    Activities

    rollenspel en/of simulatiespel werkplekleren (stage e.d.) groepswerk

    Lecturer(s)

  • Frank Dejonghe
  • Kim Dujardin
  • Annick Laurez
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 buiten examenrooster permanente evaluatie: groepswerk 40 Peer Assessement 1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster opdracht: andere vorm of combinatie van vormen 60 Stationsexamen 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster opdracht: andere vorm of combinatie van vormen 100 Stationsexamen

    Description Basisattitudes en groepsdynamica 2

    Contents

    Via vormingsdagen wordt de cursus basisattitudes en groepsdynamica 1 verder geexploreerd.

    De student leert contact nemen, begeleiden en vertrouwen hebben in de ander en zichzelf.

    De student wordt zich bewust van zichzelf door het opmaken van een persoonlijk organigram, het spelen met subpersoonlijkheden en het opmaken van zijn eigen kernkwadranten.

    Subcompetences

    DC 1.1 : De student gaat op een empathische manier om met de situatie van de cliënt

    zonder zijn professionaliteit te verliezen .



    DC 1.5 : De student bouwt veiligheid in zijn observaties in door het effect van zijn/haar persoonlijke culturele identiteit een plaats te geven in de observaties.



    DC 2.8 : De student kan interpretaties scheiden van observaties.



    DC.9.1. De student detecteert eigen functioneringsproblemen, al dan niet persoonsgebonden



    DC.9.3. De student houdt zich aan vooropgestelde richtlijnen, hierbij is enige flexibiliteit van belang.



    DC.9.5. De student bouwt een respectvolle relatie op met zijn teamleden : afspraken worden nageleefd.



    DC 10.2 : De student levert een tactische en professionele bijdrage tijdens gesprekken, discussies en/of teamoverleg.



    DC.10.3. De student zorgt er voor dat hij weet heeft welke verwachtingen en eisen gesteld worden voor de mondelinge en/of schriftelijke rapportering. Hij kan deze dan ook op correcte manier toepassen. 



    DC 10.6 : De student reageert niet primair emotioneel op het krijgen van opmerkingen door zowel therapeuten als cliënt.

    Level

    Uitdiepend

    Activities

    werkcollege (oefeningen, labo...) rollenspel en/of simulatiespel onderwijsleergesprek en klasgesprek opdracht / taakgericht onderwijs

    Lecturer(s)

  • Christian Clarisse
  • Danielle De Groote
  • Anne Dejager
  • Sofie Keppens
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Griet Vanhooren
  • Frank Dejonghe
  • Activities

    Een rapport van de 3 vormingsdagen. De student is in staat een degelijke, persoonlijke weergave van zijn voorbereiding, zijn functioneren binnen de vormingsdagen in een schriftelijk rapport weer te geven. De student kan een reeële en eerlijke evaluatie maken van het inhoudelijke en organisatorische aspect van de vormingsdagen. Binnen het rapport wordt verwacht dat de student zijn voorbereidend werk hierin kan bundelen aangevuld met zijn persoonlijke reflectie (inzicht in eigen proces) en evaluatie zowel over het organisatorische als het inhoudelijke aspect van de 3 daagse vorming. Dit alles wordt gebundeld in een mapje.
    Evaluatie : Lezen van gebundelde werk door lector, evaluatie naar inhoud van voorbereidend werk, persoonlijke reflectie en beschreven proces binnen de opdrachten en activiteiten voor 25% van totale quotatie. Indien rapport niet tijdig en dit op de vooraf afgesproken datum afgegeven wordt, kan de student niet slagen voor deze partim. De student wordt dan doorverwezen naar de 2e examenkans in augustus/september.

    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 buiten examenrooster permanente evaluatie: andere vorm of combinatie van vormen 100 permanente evaluatie tijdens vormingsdagen 75%, opdracht 25 %. Beide delen dienen afgelegd te worden. 2 examenperiode 3 buiten examenrooster permanente evaluatie: andere vorm of combinatie van vormen 100 er wordt 3 dagen meegelopen op een stagedienst, waarbij gelet wordt op dezelfde thema's als tijdens de vormingsdagen (eerste examenkans)

    Description Dringende hulpverlening

    Contents

    Levensbedreigende situaties: bewusteloosheid, ademhalingsstilstand, verstikking, bloedingen, hartaanval, beroerte, brandwonden.



    Reanimatietechnieken, evacuatietechnieken, verbandmiddelen

    Subcompetences

    DC.5.1. De student kiest en gebruikt op een doordachte manier methoden en modellen geschikt voor de omstandigheden die het best aansluiten bij de cliënt/cliëntsysteem.

    DC.5.7. De student geeft op een overtuigende wijze, duidelijke en gestructureerde richtlijnen aan de cliënt.

    DC.5.11. De student bouwt bij zijn therapeutisch handelen veiligheid in, zowel naar cliënt als naar de eigen persoon.

    Level

    Activities

    doceren/hoorcollege demonstreren

    Lecturer(s)

  • Nele Verhenne
  • Stefan Lambert
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 buiten examenrooster examen: mondeling 100 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: mondeling 100
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Observatiestage
    Code 05400761006315000004 Level Inleidend
    Study time 90 Academic year 2013-14
    Study load 3 Semester 2

    Goals

    Tijdens de observatiestage verkrijgt de student door participerend observeren zicht op de ergotherapeutische werking binnen een bepaalde setting en vormt zich een algemeen beeld van de doelgroep.
    Hij maakt zich een aantal ergotherapeutische basisattitudes eigen en profileert zich vooral als gezondheidswerker.

    Final competences

    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.

    LR.6. Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.

    LR.9. Als manager zorgt de ergotherapeut mee voor het optimaal functioneren van de dienst ergotherapie in het geheel  van de organisatie

    LR. 10. Als teamplayer functioneert de ergotherapeut efficiënt als lid van een team, neemt medeverantwoordelijkheid op voor collectieve resultaten en heeft zicht op zijn eigen rol voor de organisatie, zowel binnen de organisatie als in de bredere maatschappelijke context.

    LR.11. Als onderzoeker werkt de ergotherapeut mee aan toegepast wetenschappelijk onderzoek. De ergotherapeut voert daarbij eenvoudige, afgebakende onderzoeksopdrachten zelfstandig uit en rapporteert daarover aan vakgenoten en/of leken.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Anne Dejager
  • Frank Dejonghe
  • Annabel Deneckere
  • Annick Laurez
  • Bart Mistiaen
  • Linda Nuyttens
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Griet Vanhooren
  • Description Observatiestage

    Contents

    De student loopt 70 uur stage (gespreid over 2 weken) in één van de vier interventiedomeinen.
    De student maakt een stagemap op conform de omschrijving in het stagevademecum OST, uiteengezet tijdens de stagelessen.

    In het kader van procesbegeleiding neemt de student formuleert de student leerdoelen voor de komende stage en reflecteert hij na de stage tijdens een supervisiemoment met zijn procesbegeleider.

    Subcompetences

    De deelcompetenties en de evaluatiecriteria kunnen worden teruggevonden in het stagevademecum van het academiejaar 2011-2012, dat integraal deel uitmaakt van deze studiefiche. Het stagevademecum is ter beschikking via LEHO.

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege werkplekleren (stage e.d.) opdracht / taakgericht onderwijs demonstreren groepsdiscussie

    Lecturer(s)

  • Anne Dejager
  • Frank Dejonghe
  • Annabel Deneckere
  • Annick Laurez
  • Bart Mistiaen
  • Linda Nuyttens
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Griet Vanhooren
  • Activities

    • Stagemap:
      • bevat stagedocumenten en verslaggeving conform het 'Vademecum Observatiestage 2013-2014'.
      • De map wordt ingediend aan de procesbegeleider tijdens de supervisie
         
    • Participatie tijdens de contactmomenten in het kader van procesbegeleiding
      • Voor de stage: contactmoment voor het formuleren van leerdoelen
      • Na de stage: supervisie in groep met reflectie op de voorbije stage.


    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 buiten examenrooster permanente evaluatie: andere vorm of combinatie van vormen 100 5% procesbegeleiding, 5% stagemap, 90% stage. Alle delen dienen afgelegd te worden.
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Ontwikkeling van kind tot adolescentie
    Code 05400761004288000005 Level Inleidend
    Study time 120 Academic year 2013-14
    Study load 6 Semester 2

    Goals

    De student verwerft inzicht in de algemene ontwikkelingslijnen van het kind. De student verwerft inzicht in de psychomotorische ontwikkeling en leert het onderscheid kennen tussen grove-, grafo- en fijne motoriek. De student verwerft kennis omtrent de ontwikkelingsvelden van het kind

    Final competences

    LR 1 : Als observator haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit het concrete handelen van de cliënt en het cliëntensysteem om zijn interventies te plannen en te sturen.



    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.



    LR 3 : Als Assessor haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit testsituaties om een objectief beeld te krijgen van de mogelijkheden en beperkingen van de cliënt



    LR 6 :  Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.



    LR 10 : Als teamplayer functioneert de ergotherapeut efficiënt als lid van een team, neemt medeverantwoordelijkheid op voor collectieve resultaten en heeft zicht op zijn eigen rol voor de organisatie, zowel binnen de organisatie als in de bredere maatschappelijke context.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Annabel Deneckere
  • Magda Van Soom
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Ontwikkelingsvelden van het kind 60 2 Psychomotorische ontwikkeling 60 2

    Description Ontwikkelingsvelden van het kind

    Contents

    De student verwerft inzicht in de ontwikkeling van het kind. Vanaf de ongeboren baby tot de adolescent.

    De cursus wordt als volgt opgebouwd:
    1. Inleiding: Wat is ontwikkeling en ontwikkelingspsychologie?
    2. De ongeboren baby, de geboorte en de pasgeborene
    3. De baby (0 tot 1,5 jaar)
    4. De peuter (1,5 tot 3 jaar)
    5. De kleuter (3 tot 6 jaar)
    6. Het lagerschoolkind (6 tot 12 jaar)
    7. De adolescent (12 tot 18 jaar)

    Tijdens de hoofdstukken 3 tot 7 komen volgende zaken aan bod:
    - de lichamelijke ontwikkeling
    - de motorische ontwikkeling
    - de perceptuele ontwikkeling
    - de cognitieve ontwikkeling
    - de taalontwikkeling
    - de sociaal-emotionele ontwikkeling
    - de seksule ontwikkeling
    - de persoonlijkheidsontwikkeling, de morele ontwikkeling
    - de taal-, spel-, en tekenontwikkeling
    - de schoolse ontwikkeling (vanaf hfd 4)
    - indien de ontwikkeling anders loopt

    De studenten leren via een observatieopdracht de opgedane kennis te vertalen naar de praktijk.

    Subcompetences

    DC.1.2. De student detecteert de zorgbehoefte van de cliënt in functie van het verdere therapeutisch 

                 proces zonder te vertrekken vanuit technieken, middelen of symptomatologie.



    DC.1.3. De student doet, via een intake de nodige informatie op en integreert deze in een bruikbaar

                 therapeutisch werkmodel.



    DC.2.6. De student benoemt observaties op een correcte manier.



    DC.2.4. De student selecteert via de pathologie belangrijke observatie-items.



    DC.2.7. De student formuleert correcte doelstellingen aan de hand van observaties.



    DC.2.8. De student kan interpretaties scheiden van observaties.



    DC.3.1. De student kent het toepassingsgebied van de courante assessmentinstrumenten.



    DC.6.4. De student legt gepaste verbanden tussen doelstellingen, middelen en technieken.



    DC.6.6. De student stemt oefeningen en/of activiteiten af op de mogelijkheden van de cliënt.

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege opdracht / taakgericht onderwijs

    Lecturer(s)

  • Annabel Deneckere
  • Activities

    De student gaat op zoek naar een persoon uit één van de ontwikkelingsfasen. Het moet gaan om iemand met een normale ontwikkeling. De student beschrijft kort de leeftijd, de gezinssituatie, het moment van observatie,... Kortom alle zaken die noodzakelijk zijn om de observaties goed te kunnen volgen.
    De student observeert zijn object gedurende minimaal 4 uur en minstens op 2 verschillende momenten.
    De student maakt van de observaties een verslag waarin zijn object op een objectieve manier wordt beschreven.
    De theorie die gezien werd tijdens de lessen wordt gelinkt aan de gedane observaties.

    De student geeft bij aanvang van de tweede les door welke ontwikkelingfase gekozen wordt voor deze opdracht.
    De opdracht wordt ingediend telkens twee weken nadat de les over de gekozen ontwikkelingsfase heeft plaatsgevonden. De studenten ontvangen hiervan een schema tijdens de eerste inleidende les.

    Indien de opdracht niet tijdig wordt ingediend, krijgt de student geen score voor dit onderdeel en dient hij bijgevolg de opdracht in te dienen bij aanvang van de derde examenperiode.

    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: schriftelijk 80 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 80 1 examenperiode 2 buiten examenrooster opdracht: schriftelijk 20 2 examenperiode 3 buiten examenrooster examen: schriftelijk 20 Indienen bij aanvang derde examenperiode

    Description Psychomotorische ontwikkeling

    Contents

    Inleiding
    Normale motorische ontwikkeling
    Ontwikkeling van cognitie en aandacht , perceptie, lichaamsschema, spatialiteit, tijdsbeleving
    Psychomotoriek : opsplitsing functietraining en intra-psychische benadering
    SVS-begeleidingsdag als praktijkleren : briefing van deze opdracht tijdens de les

    Subcompetences

    DC.2.1. De student zoekt informatie in  recente cursussen, wetenschappelijke documenten aangevuld met  beschikbare literatuur in de instelling. 



    DC 2.4 : student selecteert via de pathologie belangrijke observatie-items.



    DC 2.7 : De student formuleert correcte doelstellingen aan de hand van observaties.



    DC 10.1 : De student linkt het ergotherapeutisch handelen aan het handelen van andere disciplines.

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege werkcollege (oefeningen, labo...)

    Lecturer(s)

  • Magda Van Soom
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Pathologie
    Code 05400761000710000005 Level Inleidend
    Study time 180 Academic year 2013-14
    Study load 6 Semester 2

    Goals

    De algemene pathologie laat de belangrijkste oorzaken van ziekten in onze maatschappij aan bod komen. De impact van deze oorzaken op het menselijke lichaam en de reactie van het menselijke lichaam worden uitgelegd. De meest voorkomende ziekten in het gebied van inwendige ziekten worden beschreven.



    De student maakt kennis met de basisbegrippen vanuit de psychiatrie. De verschillende psychiatrische ziektebeelden worden besproken aan de hand van DSM IV- TRI.

    Final competences

    LR 2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.



    LR 11. Als onderzoeker participeert de ergotherapeut in toegepast wetenschappelijk onderzoek. De ergotherapeut voert daarbij eenvoudige, afgebakende onderzoeksopdrachten zelfstandig uit en rapporteert daarover aan vakgenoten en/of leken.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Annabel Deneckere
  • Laurence Dhaene
  • Frederik Goemaere
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Algemene pathologie 120 4 Psychopathologie 60 2

    Description Algemene pathologie

    Contents

    Algemene pathologie

    1. Inleiding: ziekte en gezondheid
    2. Erfelijkheid als oorzaak van ziekte
    3. exogene oorzaken van ziekte
    4. Reactie van het lichaam op ziekteoorzaken
    5. Infectie en immuniteit
    6. Groeistoornissen en gezwellen
    7. Circulatiestoornissen, hart- en vaatziekten
    8. Bloed- en beenmergaandoeningen
    9. Respiratoire aandoeningen
    10.Endocriene aandoeningen

    Subcompetences

    DC.2.1. De student zoekt informatie in recente cursussen, wetenschappelijke documenten aangevuld met beschikbare literatuur in de instelling.



    DC.11.3. De student vertaalt de resultaten van zijn opdrachten op objectieve manier en past zijn terminologie aan aan vakgenoten en/of leken.




    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege werkcollege (oefeningen, labo...)

    Lecturer(s)

  • Annabel Deneckere
  • Frederik Goemaere
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100

    Description Psychopathologie

    Contents

    De student maakt kennis met de basisbegrippen vanuit de psychiatrie. De verschillende psychiatrische ziektebeelden worden besproken adhv DSM IV-TR: situering + inleiding DSM, stemmingsstoornissen , angststoornissen, stoornissen bij kinderen en adolescenten, cognitieve stoornissen, stoornissen door het gebruik van psychoactieve stoffen, schizofrenie en andere psychosen, dissociatieve stoornissen, seksuele stoornissen, eetstoornissen, persoonlijkheidsstoornissen

    Subcompetences

    DC.2.1. De student zoekt informatie in recente cursussen, wetenschappelijke documenten aangevuld met beschikbare literatuur in de instelling.

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege demonstreren

    Lecturer(s)

  • Laurence Dhaene
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Ergotherapie en fysieke problematiek 1
    Code 05400761006317000005 Level Uitdiepend
    Study time 150 Academic year 2013-14
    Study load 5 Semester 3

    Goals

    De student verwerft kennis, inzicht en technische vaardigheden binnen de fysieke revalidatie en kan deze ook observeren en rapporteren. De verschillende assesments en interventies komen aan bod. De student leert om specifiek per pathologie een aangepaste behandeling voor te stellen en passend advies te geven aan de cliënt en het cliëntensysteem.

    Final competences

    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.

     

    LR.3. Als Assessor haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit testsituaties om een objectief beeld te krijgen van de mogelijkheden en beperkingen van de cliënt



    LR.5. Als behandelaar geeft de ergotherapeut op een methodische wijze een veranderingsproces vorm met als doel de mogelijkheden van de cliënt te optimaliseren zodat de kwaliteit van leven voor de cliënt verbetert.



    LR.6. Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.

     

    LR.7. Als adviseur begeleidt de ergotherapeut de cliënt en het cliëntsysteem op een methodische wijze in hun zoektocht naar middelen en/of aanpassingen die het handelen van de cliënt en het cliëntsysteem bevorderen.



    LR.11.Als onderzoeker werkt de ergotherapeut mee aan toegepast wetenschappelijk onderzoek. De ergotherapeut voert daarbij eenvoudige, afgebakende onderzoeksopdrachten zelfstandig uit en rapporteert daarover aan vakgenoten en/of leken.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Frederik Goemaere
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Assessment, interventies en ergonomische principes 90 3 Locomotorische pathologie 60 2

    Description Assessment, interventies en ergonomische principes

    Contents

    Vertrekkend vanuit de studie van de pathologie van het bewegingsstelsel en de neuropathologie worden de verschillende assessment- en interventiemogelijkheden bij deze pathologieën bestudeerd.
    Er wordt hierbij eveneens aandacht besteed aan de ergonomische principes voor zowel de cliënt als voor de therapeut.
    De student maakt kennis met het ruime aanbod van behandelingsvisies en methodes. Deze visies en methodes worden aangeleerd, ingeoefend en eigen gemaakt. De student leert om een onderbouwde, persoonlijke en cliëntgerichte keuze te maken in dit ruime aanbod.
    Assessment bij beperkingen van locomotorische aard ; Assessment bij beperkingen van neurologische aard ; interventie bij beperkingen van locomotorische aard ; interventie bij beperkingen van neurologische aard ; ergonomische principes toegepast naar cliënten toe ; ergonomische principes toegepast naar ergotherapeuten toe.

    Subcompetences

    DC.2.1. De student zoekt informatie in  recente cursussen, wetenschappelijke documenten aangevuld met  beschikbare literatuur in de instelling.

    DC.2.4. De student selecteert via de pathologie belangrijke observatie-items.

    DC.2.6. De student benoemt observaties op een correcte manier.

    DC.2.7. De student formuleert correcte doelstellingen aan de hand van observaties.

    DC.2.8. De student kan interpretaties scheiden van observaties.

     

    DC.3.1. De student kent het toepassingsgebied van de courante assessmentinstrumenten.

    DC. 3.3. De student voert een (niet) gestandaardiseerd assessment op een correcte en adequate manier uit.

    DC.3.5.  De student formuleert een besluit op een logische manier. De argumentatie is duidelijk en gemotiveerd.

     

    DC.5.5 De student gaat flexibel en gestructureerd om met het behandelingsplan, rekening houdend met de voorkeur van de cliënt, zonder het resultaat in gevaar te brengen.

    DC.5.6. De student geeft duidelijke feedback en feedforward over het therapieverloop.



    DC.6.1 De student redeneert en antwoordt op een logische manier. Hij motiveert en argumenteert zijn handelen op een gestructureerde manier.

    DC.6.2. De student zoekt en implementeert zelfstandig middelen en technieken en is creatief bij het toepassen ervan.

    DC.6.5.De student gebruikt de aangeleerde technieken op een correcte manier.

    DC.6.7. De student brengt de technieken op correcte manier in verband met geformuleerde doelstellingen.

     

    DC.7.1. De student hanteert verschillende informatiekanalen om de meest recente informatie binnen de Assisstive Technology te leren kennen. Dit omvat het ruim begrip hulpmiddelen.

     

     

    Level

    Uitdiepend

    Activities

    doceren/hoorcollege demonstreren rollenspel en/of simulatiespel

    Lecturer(s)

  • Anne Dejager
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: andere vorm of combinatie van vormen 100 Schriftelijk examen = 70% Tijdens het schriftelijk examen wordt de student apart genomen om de praktijk uitvoering te toetsen = 30% 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: andere vorm of combinatie van vormen 100 Schriftelijk examen = 70% Tijdens het schriftelijk examen wordt de student apart genomen om de praktijk uitvoering te toetsen = 30%

    Description Locomotorische pathologie

    Contents

    De cursus bestaat uit een reeks ppt's die op Leho gepost worden.

    de onderwerpen die worden gedoceerd zijn:

    CVA, Craniocerebraal trauma; reumatologie; orthopedie; Traumatologie en amputaties en prothesen; Ruggemerg en perifere zenuwaandoeningen;MS en ALS; extrapyramidale aandoeningen; epilepsie

    Subcompetences

    DC.2.1. De student zoekt informatie in recente cursussen, wetenschappelijke documenten aangevuld met beschikbare literatuur in de instelling.



    DC.11.3. De student vertaalt de resultaten van zijn opdrachten op objectieve manier en past zijn terminologie aan aan vakgenoten en/of leken.

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege

    Lecturer(s)

  • Frederik Goemaere
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Ergotherapie en geestelijke gezondheidszorg 1
    Code 05400761006322000005 Level Uitdiepend
    Study time 150 Academic year 2013-14
    Study load 5 Semester 3

    Goals

    De student verwerft kennis van de doelgroep geestelijke gezondheidszorg, kinder- en volwassenpsychiatrie.

    Final competences

    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.

    LR.3. Als Assessor haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit testsituaties om een objectief beeld te krijgen van de mogelijkheden en beperkingen van de cliënt

    LR.4. Als assessor werkt de ergotherapeut actief mee aan het verfijnen van de bestaande diagnostiek en zorgt voor het opmaken van een specifiek ergotherapeutische diagnostiek.

    LR.5. Als behandelaar geeft de ergotherapeut op een methodische wijze een veranderingsproces vorm met als doel de mogelijkheden van de cliënt te optimaliseren zodat de kwaliteit van leven voor de cliënt verbetert.

    LR.6. Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.

    LR. 10. Als teamplayer functioneert de ergotherapeut efficiënt als lid van een team, neemt medeverantwoordelijkheid op voor collectieve resultaten en heeft zicht op zijn eigen rol voor de organisatie, zowel binnen de organisatie als in de bredere maatschappelijke context.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Laurence Dhaene
  • Siska Vandemaele
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Psychiatrische problematiek bij kinderen en adolescenten 60 2 Psychiatrische problematiek bij volwassenen 90 3

    Description Psychiatrische problematiek bij kinderen en adolescenten

    Contents

    De Cursus kinderpsychiatrie bestaat uit een algemene inleiding en legt uit wat kinderpsychiatrie zo specifiek maakt.

    De belangrijkste modellen/visies die gebruikt worden bij deze doelgroep worden verklaard.

    Er wordt getracht een verklaring te geven van diverse specifieke problematieken binnen deze doelgroep. Door de cursus heen is er voorstelling van casussen en van gerichte interventies.

    Er is een opdracht gekoppeld aan deze cursus.

    Subcompetences

    DC.2.1. De student zoekt informatie in  recente cursussen, wetenschappelijke documenten aangevuld met  beschikbare literatuur in de instelling.



    DC.2.6. De student benoemt observaties op een correcte manier.



    DC.2.7. De student formuleert correcte doelstellingen aan de hand van observaties.



    DC.2.8. De student kan interpretaties scheiden van observaties.



    DC.5.2. De student lost op een strategische manier een probleem op. De oplossingsmethode wordt gestructureerd en stapsgewijs toegepast.



    DC.5.3. De student is creatief en authentiek in het aanwenden van middelen en technieken. 



    DC.5.8. De student houdt steeds rekening met mogelijkheden en beperkingen van de cliënt en past zijn therapie en richtlijnen daarop aan.



    DC. 5.10. De student organiseert het geheel van technieken op een cliëntgerichte manier.



    DC.6.1 De student redeneert en antwoordt op een logische manier. Hij motiveert en argumenteert zijn handelen op een gestructureerde manier.



    DC.6.6. De student stemt oefeningen en/of activiteiten af op de mogelijkheden van de cliënt.



    DC.6.7. De student brengt de technieken op correcte manier in verband met geformuleerde doelstellingen.

    De student verwijst de cliënt door naar de juiste persoon en/of instantie.



    DC.10.1. De student linkt het ergotherapeutisch handelen aan het handelen van andere disciplines.

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege groepswerk opdracht / taakgericht onderwijs

    Lecturer(s)

  • Frank Dejonghe
  • Activities

    De student leert in groep aan een opdracht te werken gericht op een specifieke problematiek van de doelgroep. De student leert rekening te houden met een aantal verwachtingen zowel naar inhoudelijke invulling als naar samenwerking. Het mondeling examen over de cursus wordt aangevuld met een vraag uit de opdracht. De opdracht zelf telt mee voor 20% van de eindscore.

    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: mondeling 80 Zowel de opdracht als het examen dienen afgelegd te worden voordat een cijfer toegekend kan worden. 1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster opdracht: schriftelijk 20 Zowel de opdracht als het examen dienen afgelegd te worden voordat een cijfer toegekend kan worden. 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: mondeling 100

    Description Psychiatrische problematiek bij volwassenen

    Contents

    Stapsgewijs krijgt de student theorie aangeboden ivm de doelgroep volwassenpsychiatrie:

    1. De ergotherapeutische behandeling van de doelgroep volwassen psychiatrische patiënten en hun bestaande voorzieningen.
    2. Theoretische referentiekaders en behandelmethoden als basis bij het opbouwen van een ergotherapeutische sessie bij de doelgroep volwassen psychiatrie.
    3. De probleeminventarisatie bij de psychiatrische patiënt.
    4. Assessment mbt doelgroep volwassenpsychiatrie.
    5. Het opstellen van een behandelplan.




    Subcompetences

    DC.2.1. De student zoekt informatie in  recente cursussen, wetenschappelijke documenten aangevuld met  beschikbare literatuur in de instelling.



    DC2.2 de student gebruikt bestaande observatiemethoden en -modellen op een gepaste manier in de juiste context.



    DC.2.4. De student selecteert via de pathologie belangrijke observatie-items.



    DC.2.5. De student integreert de observaties op verschillende niveaus cfr ICF ( stoornis, activiteit en participatie).



    DC.2.6. De student benoemt observaties op een correcte manier.



    DC.2.7. De student formuleert correcte doelstellingen aan de hand van observaties.



    DC.2.8. De student kan interpretaties scheiden van observaties.



    DC.3.1. De student kent het toepassingsgebied van de courante assessmentinstrumenten.



    DC.4.1. De student motiveert elk aspect van zijn therapeutisch handelen vanuit een eigen gekozen theoretisch referentiekader.



    DC.5.1. De student kiest en gebruikt op een doordachte manier methoden en modellen geschikt voor de omstandigheden die het best aansluiten bij de cliënt/cliëntsysteem.



    DC.5.2. De student lost op een strategische manier een probleem op. De oplossingsmethode wordt gestructureerd en stapsgewijs toegepast.



    DC.5.3. De student is creatief en authentiek in het aanwenden van middelen en technieken.



    DC.5.4. De student is creatief en authentiek in het opstellen en evalueren van een kwalitatief behandelingsplan.



    DC.5.5 De student gaat flexibel en gestructureerd om met het behandelingsplan, rekening houdend met de voorkeur van de cliënt, zonder het resultaat in gevaar te brengen.



    DC.5.8. De student houdt steeds rekening met mogelijkheden en beperkingen van de cliënt en past zijn therapie en richtlijnen daarop aan.



    DC.6.1 De student redeneert en antwoordt op een logische manier. Hij motiveert en argumenteert zijn handelen op een gestructureerde manier.



    DC.6.2. De student zoekt en implementeert zelfstandig middelen en technieken en is creatief bij het toepassen ervan.



    DC.6.3. De student kadert de resultaten van zijn handelen in bestaande theoretische referentiekaders.



    DC.6.4. De student legt gepaste verbanden tussen doelstellingen, middelen en technieken.



    DC.6.6. De student stemt oefeningen en/of activiteiten af op de mogelijkheden van de cliënt.



    DC.6.7. De student brengt de technieken op correcte manier in verband met geformuleerde doelstellingen.

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege rollenspel en/of simulatiespel groepswerk opdracht / taakgericht onderwijs

    Lecturer(s)

  • Siska Vandemaele
  • Laurence Dhaene
  • Activities







    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Ergotherapie en geriatrische problematiek 1
    Code 05400761006319000005 Level Uitdiepend
    Study time 150 Academic year 2013-14
    Study load 5 Semester 3

    Goals

    De student verwerft kennis en inzicht in de geriatrische problematieken en kan deze ook observeren en rapporteren. Hij kan ook de relevante modellen en assessments gebruiken, behandelplan opstellen (multidisciplinair) en passend advies geven aan de cliënt en het cliëntensysteem.

    Final competences

    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.



    LR.3. Als Assessor haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit testsituaties om een objectief beeld te krijgen van de mogelijkheden en beperkingen van de cliënt





    LR.5. Als behandelaar geeft de ergotherapeut op een methodische wijze een veranderingsproces vorm met als doel de mogelijkheden van de cliënt te optimaliseren zodat de kwaliteit van leven voor de cliënt verbetert.



    LR.6. Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.



    LR.7. Als adviseur begeleidt de ergotherapeut de cliënt en het cliëntsysteem op een methodische wijze in hun zoektocht naar middelen en/of aanpassingen die het handelen van de cliënt en het cliëntsysteem bevorderen.




    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Danielle De Groote
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Geriatrische pathologie 60 2 Geriatrische problematiek 90 3

    Description Geriatrische pathologie

    Contents

    Geriatrische pathologie

    1. Vergrijzing en verzilvering
    2. Cardiovasculaire problemen
    3. Respiratoire aandoeningen
    4. Infectieziekten
    5. Metabolisme
    6. Incontinentie
    7. Digestieve aandoeningen
    8. Locomotorische problemen
    9. Neurologiscche problemen
    10. Dermatologie
    11. Zintuigen
    12. Pijn en pijnbestrijding bij ouderen
    13. De laatste dag

    Subcompetences

    DC.2.1. De student zoekt informatie in  recente cursussen, wetenschappelijke documenten aangevuld met  beschikbare literatuur in de instelling.


    Level

    Uitdiepend

    Activities

    doceren/hoorcollege werkcollege (oefeningen, labo...)

    Lecturer(s)

  • Danielle De Groote
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100

    Description Geriatrische problematiek

    Contents

    Visie op het beroep, beroepsprofiel en wettelijk kader, gevolgd door grondhoudingen en methodisch handelen.   Interventies in de geriatrische ergotherapie met inbegrip van assessment en adviseren van oa hulpmiddelen, valproblematiek, woningaanpassingen, ondersteuning mantelzorg, coaching komen uitgebreid aan bod. De verschillende werkdomeinen worden besproken.  Ook de pathologiëen en daarop aansluitende ergotherapie worden besproken, vb. dementie, depressie, acute verwardheid, Parkinson, gehoor en gezichtsproblemen, cva, copd, artrose en artritis, osteoporose. Bij ieder item wordt er een casus uitgebreid besproken. Thema's als ADL bij ouderen, comfortzorg en ook  belevingsgerichte benadering bij personen met dementie komen aan bod.
    Voor thema's als valproblematiek, ergotherapie aan huis in verband met woningaanpassingen, comfortzorg, AMPS, hulpmiddelen (Advys) worden gastsprekers gevraagd.

    Subcompetences

    DC.1.1 : De student gaat op een empathische manier om met de situatie van de cliënt zonder zijn professionaliteit te verliezen.



    DC.2.1. De student zoekt informatie in  recente cursussen, wetenschappelijke documenten aangevuld met  beschikbare literatuur in de instelling.



    DC2.2 de student gebruikt bestaande observatiemethoden en -modellen op een gepaste manier in de juiste context.



    DC.2.4. De student selecteert via de pathologie belangrijke observatie-items.



    DC.2.5. De student integreert de observaties op verschillende niveaus cfr ICF ( stoornis, activiteit en participatie).



    DC.2.6. De student benoemt observaties op een correcte manier.



    DC.2.7. De student formuleert correcte doelstellingen aan de hand van observaties.



    DC.3.1. De student kent het toepassingsgebied van de courante assessmentinstrumenten.



    DC.5.1. De student kiest en gebruikt op een doordachte manier methoden en modellen geschikt voor de omstandigheden die het best aansluiten bij de cliënt/cliëntsysteem.



    DC.5.2. De student lost op een strategische manier een probleem op. De oplossingsmethode wordt gestructureerd en stapsgewijs toegepast.



    DC.5.3. De student is creatief en authentiek in het aanwenden van middelen en technieken.



    DC.6.6. De student stemt oefeningen en/of activiteiten af op de mogelijkheden van de cliënt.



    DC.7.1. De student hanteert verschillende informatiekanalen om de meest recente informatie binnen de Assisstive Technology te leren kennen. Dit omvat het ruim begrip hulpmiddelen.

    Level

    Uitdiepend

    Activities

    doceren/hoorcollege demonstreren rollenspel en/of simulatiespel groepsdiscussie opdracht / taakgericht onderwijs

    Lecturer(s)

  • Linda Nuyttens
  • Activities

    In groepsopdrachten oefenen de studenten op assessments en het oplossen van cases. De studenten krijgen feedback in de groep.

    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Ergotherapie en ontwikkelingsproblematiek 1
    Code 05400761006320000005 Level Uitdiepend
    Study time 150 Academic year 2013-14
    Study load 5 Semester 3

    Goals


    Partim Ergotherapie en ontwikkelingsproblematiek
    Deel ontwikkelingsproblematiek:
    Kennis en inzicht verwerven in de signalen/symptomen van een afwijkende ontwikkeling van volgende doelgroepen:
    • Verstandelijke beperking
    • Schrijfstoornissen
    • Rekenstoornissen
    • Perceptiestoornissen
    • Visuele stoornissen
    • Auditieve stoornissen
    • ASS


    Deel psychomotoriek, assessments en interventies:
    Kennis en inzicht van de diagnostische middelen, en de clientgerichte interventies.

    Partim Kinderrevalidatie en neuromotorische problematiek
    Deel kinderrevalidatie:
    Kennis en inzicht verwerven in de signalen/symptomen van een afwijkende ontwikkeling van volgende doelgroepen:
    • NAH
    • CP en CVI
    • Primair motorische stoornis 
    • DCD 

    Plaatsbepaling van de kinderrevalidatie.
    Ontwikkeling van bewegingsvaardigheden.
    Zelfredzaamheid.
    Communicatie en maatschappelijke participatie.
    Meervoudig gehandicapt

    Deel neuromotorische problematiek:
    Kennis en inzicht verwerven in volgende problematieken:
    Cerebrale parese, NAH, Spina bifida, Neuromusculaire aandoeningen, Afwijkingen van de ledematen.

    Final competences

    LR.1. Als observator haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit het concrete handelen van de cliënt en het cliëntensysteem om zijn interventies te plannen en te sturen.



    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.



    LR.3. Als Assessor haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit testsituaties om een objectief beeld te krijgen van de mogelijkheden en beperkingen van de cliënt



    LR.4. Als assessor werkt de ergotherapeut actief mee aan het verfijnen van de bestaande diagnostiek en zorgt voor het opmaken van een specifiek ergotherapeutische diagnostiek.



    LR.5. Als behandelaar geeft de ergotherapeut op een methodische wijze een veranderingsproces vorm met als doel de mogelijkheden van de cliënt te optimaliseren zodat de kwaliteit van leven voor de cliënt verbetert.



    LR.6. Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.



    LR.7. Als adviseur begeleidt de ergotherapeut de cliënt en het cliëntsysteem op een methodische wijze in hun zoektocht naar middelen en/of aanpassingen die het handelen van de cliënt en het cliëntsysteem bevorderen.



    LR.8. Als adviseur handelt de ergotherapeut probleemoplossend op een flexibele,creatieve en duurzame manier. De ergotherapeut is kwaliteitsbewust door bestaande en nieuwe trends te volgen op het gebied van gezondheidszorg.



    LR. 10. Als teamplayer functioneert de ergotherapeut efficiënt als lid van een team, neemt medeverantwoordelijkheid op voor collectieve resultaten en heeft zicht op zijn eigen rol voor de organisatie, zowel binnen de organisatie als in de bredere maatschappelijke context.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Frederik Goemaere
  • Stefanie Rigolle
  • Magda Van Soom
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Ergotherapie en ontwikkelingsproblematiek 90 3 Kinderrevalidatie en neuromotorische problematiek 60 2

    Description Ergotherapie en ontwikkelingsproblematiek

    Contents

    Cursus ergotherapie en ontwikkelingsproblematiek 1:  
    Deel ontwikkelingsproblematiek:
    Signalen /symptomen van een afwijkende ontwikkeling (zie 8 doelgroepen), hulp/opvangmogelijkheden vanuit de onderwijs -en zorgsector, therapiemogelijkheden en de rol van de ergotherapeut worden benadrukt. 

     Doelgroepen:
    • Verstandelijke beperking
    • Schrijfstoornissen
    • Rekenstoornissen
    • Perceptiestoornissen
    • Visuele stoornissen
    • Auditieve stoornissen
    • ASS 




    Deel: Psychomotoriek, assessments en interventies:
    Observaties, relevante en courante assessments en remedial teaching op volgende (12) domeinen:
    grote motoriek
    grootmotorische lateralisatie
    fijnmotorische lateralisatie
    fijnmotorische lateralisatie
    motorische schrijfproblemen
    visuomotorische vaardigheden
    visueel-ruimtelijke vaardigheden
    ruimtelijke oriëntatievaardigheden
    geheugenvaardigheden
    schoolse vaardigheden
    aandacht en concentratie
    executieve functies

    Subcompetences

    DC.1.2. De student detecteert de zorgbehoefte van de cliënt in functie van het verdere therapeutische proces

                 zonder te vertrekken vanuit technieken, middelen of symptomatologie.



    DC.1.3. De student doet, via een intake de nodige informatie op en integreert deze in een bruikbaar

                 therapeutisch werkmodel.



    DC2.2. De student gebruikt bestaande observatiemethoden en -modellen op een gepaste manier in de juiste 

                context.



    DC.2.4. De student selecteert via de pathologie belangrijke observatie-items.



    DC.2.6. De student benoemt observaties op een correcte manier.



    DC.2.7. De student formuleert correcte doelstellingen aan de hand van observaties.



    DC.2.8. De student kan interpretaties scheiden van observaties.



    DC.3.1. De student kent het toepassingsgebied van de courante assessmentinstrumenten.



    DC.4.1. De student motiveert elk aspect van zijn therapeutisch handelen vanuit een eigen gekozen

                theoretisch referentiekader.



    DC.5.1. De student kiest en gebruikt op een doordachte manier methoden en modellen geschikt voor de 

                omstandigheden die het best aansluiten bij de cliënt/cliëntsysteem.



    DC.5.2. De student lost op een strategische manier een probleem op. De oplossingsmethode wordt 

                gestructureerd en stapsgewijs toegepast.



    DC.5.8. De student houdt steeds rekening met mogelijkheden en beperkingen van de cliënt en past zijn

                 therapie en richtlijnen daarop aan.



    DC.6.1. De student redeneert en antwoordt op een logische manier. Hij motiveert en argumenteert zijn

                handelen op een gestructureerde manier.



    DC.6.4. De student legt gepaste verbanden tussen doelstellingen, middelen en technieken.



    DC.7.1. De student hanteert verschillende informatiekanalen om de meest recente informatie binnen de 

                Assisstive Technology te leren kennen. Dit omvat het ruim begrip hulpmiddelen.



    DC.7.2. De student geeft een kernachtig en cliëntgericht advies over de cliënt naar andere professionelen. De

                 student geeft vlot feedback en feedforward.



    DC.7.4. De student geeft op een professionele manier advies aan een cliënt, die gebaseerd is op de noden,

                 behoeften en ervaring van de cliënt.



    DC.7.5. De student verwijst de cliënt door naar de juiste persoon en/of instantie.



    DC.8.2. De student legt cliëntgerelateerde verbanden tussen doelstellingen, middelen en technieken.



    DC.10.1. De student linkt het ergotherapeutisch handelen aan het handelen van andere disciplines.



    Deel Frank D. :



    DC.1.5. De student bouwt veiligheid in zijn observaties in door het effect van zijn/haar persoonlijke culturele identiteit een plaats te geven in de observaties.



    DC.2.1. De student zoekt informatie in  recente cursussen, wetenschappelijke documenten aangevuld met  beschikbare literatuur in de instelling.



    DC2.2 de student gebruikt bestaande observatiemethoden en -modellen op een gepaste manier in de juiste context.



    DC.2.7. De student formuleert correcte doelstellingen aan de hand van observaties.



    DC.2.8. De student kan interpretaties scheiden van observaties.



    DC.3.1. De student kent het toepassingsgebied van de courante assessmentinstrumenten.



    DC.4.2. De student vertaalt de resultaten van een assessment in de behandelingstermen die gebruikt worden door de setting en het team.



    DC.4.3. De student interpreteert en rapporteert de testresultaten op een correcte manier en kan aandachtspunten benoemen.



    DC.5.3. De student is creatief en authentiek in het aanwenden van middelen en technieken.



    DC.5.8. De student houdt steeds rekening met mogelijkheden en beperkingen van de cliënt en past zijn therapie en richtlijnen daarop aan.



    DC.6.1 De student redeneert en antwoordt op een logische manier. Hij motiveert en argumenteert zijn handelen op een gestructureerde manier.



    DC.6.5.De student gebruikt de aangeleerde technieken op een correcte manier.



    DC.10.1. De student linkt het ergotherapeutisch handelen aan het handelen van andere disciplines.

    Level

    Uitdiepend

    Activities

    doceren/hoorcollege demonstreren

    Lecturer(s)

  • Magda Van Soom
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 Het examen van ontwikkelingsproblematiek en psychomotoriek, assessments en interventies wordt gebundeld tot één examen 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 Het examen van ontwikkelingsproblematiek en psychomotoriek, assessments en interventies wordt gebundeld tot één examen

    Description Kinderrevalidatie en neuromotorische problematiek

    Contents

    Kinderrevalidatie en neuromotorische ontwikkelingsproblematiek:

    Deel kinderrevalidatie:
    CP
    'Hands on' - techniek toepassen bij een kind met een spastische parese
    Behandeling van het spastische bovenste lidmaat bij CP
    Uitgangsposities
    Zelfredzaamheid
    Meervoudige handicap en doostaken.

    Deel Neuromotorische problematiek:
    Cerebrale parese; NAH; Spina bifida; Neuromusculaire aandoeningen; Afwijkingen van de ledematen.

    Subcompetences

    DC.1.2: De student detecteert de zorgbehoefte van de cliënt in functie van het verdere therapeutische proces zonder te vertrekken vanuit technieken, middelen of symptomatologie.



    DC.2.5. De student integreert de observaties op verschillende niveaus cfr ICF ( stoornis, activiteit en participatie).



    DC.2.6. De student benoemt observaties op een correcte manier.



    DC.2.7. De student formuleert correcte doelstellingen aan de hand van observaties.



    DC.3.1. De student kent het toepassingsgebied van de courante assessmentinstrumenten.

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege demonstreren

    Lecturer(s)

  • Frederik Goemaere
  • Stefanie Rigolle
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 1 (januari) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 50% neuromotorische problematiek 50% kinderrevalidatie 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 50% neuromotorische problematiek 50% kinderrevalidatie
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Uitvoerende stage 1: 3 weken
    Code 05400761006328000004 Level Uitdiepend
    Study time 180 Academic year 2013-14
    Study load 6 Semester 3

    Goals

    Tijdens de uitvoerende stage 1 toont de student dat hij vertrekkende vanuit bestaande doelen, ergotherapeutische interventies kan uit voeren. Hij maakt zich hierbij de attitude van samenwerken en overleggen met een behandel- of zorgteam eigen.

    Ook het doelgericht observeren van het ergotherapeutisch handelen, de bekomen gegevens evalueren en op een professionele manier mondeling en schriftelijk rapporteren naar het team of naar andere instanties, worden als te bereiken competentie beschouwd.

    Vanuit de rol als manager draagt de student mee verantwoordelijkheid voor de organisatie en het verloop van de zijn ergotherapeutische interventies.

    Final competences

    LR.1. Als observator haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit het concrete handelen van de cliënt en het cliëntensysteem om zijn interventies te plannen en te sturen.



    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.



    LR.3. Als Assessor haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit testsituaties om een objectief beeld te krijgen van de mogelijkheden en beperkingen van de cliënt



    LR.4. Als assessor werkt de ergotherapeut actief mee aan het verfijnen van de bestaande diagnostiek en zorgt voor het opmaken van een specifiek ergotherapeutische diagnostiek.



    LR.5. Als behandelaar geeft de ergotherapeut op een methodische wijze een veranderingsproces vorm met als doel de mogelijkheden van de cliënt te optimaliseren zodat de kwaliteit van leven voor de cliënt verbetert.



    LR.6. Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.



    LR.7. Als adviseur begeleidt de ergotherapeut de cliënt en het cliëntsysteem op een methodische wijze in hun zoektocht naar middelen en/of aanpassingen die het handelen van de cliënt en het cliëntsysteem bevorderen.



    LR.8. Als adviseur handelt de ergotherapeut probleemoplossend op een flexibele,creatieve en duurzame manier. De ergotherapeut is kwaliteitsbewust door bestaande en nieuwe trends te volgen op het gebied van gezondheidszorg.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Ingrid Blondeel
  • Anne Dejager
  • Frank Dejonghe
  • Annabel Deneckere
  • Bart Mistiaen
  • Linda Nuyttens
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Description Uitvoerende stage 1: 3 weken

    Contents


    De student wordt tijdens de stagelessen voorbereid tot de Uitvoerende stage

    De student loopt 105 uur stage (over 3 aaneensluitende weken) in één van de vier interventiedomeinen naar keuze.

    De student maakt een stagemap op conform het stagevademecum Uitvoerende stage 1, uiteengezet tijdens de stagelessen. 

    De student participeert aan de stagesupervisiegroepen.

    Subcompetences

    De deelcompetenties en de evaluatiecriteria kunnen worden teruggevonden in het stagevademecum van het academiejaar 2011-2012, dat integraal deel uitmaakt van deze studiefiche. Het stagevademecum is ter beschikking via LEHO.

    Level

    Uitdiepend

    Activities

    doceren/hoorcollege opdracht / taakgericht onderwijs werkplekleren (stage e.d.) demonstreren groepsdiscussie

    Lecturer(s)

  • Ingrid Blondeel
  • Anne Dejager
  • Frank Dejonghe
  • Annabel Deneckere
  • Bart Mistiaen
  • Linda Nuyttens
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Annick Laurez
  • Activities


    Stagemap:
    • Bevat stagedocumenten en verslaggeving conform het 'Stagevademecum Uitvoerendestage 1 2013_2014'.
    • De map wordt ingediend aan de procesbegeleider tijdens de supervisie

    Participatie tijdens de contactmomenten in het kader van procesbegeleiding

    • Voor de stage: contactmoment voor het formuleren van leerdoelen
    • Na de stage: supervisie in groep met reflectie op de voorbije stage.

    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 & 2 examenperiode 1 buiten examenrooster permanente evaluatie: andere vorm of combinatie van vormen 100 5% procesbegeleiding, 5% stagemap, 90% stage. Alle delen dienen afgelegd te worden.
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Uitvoerende stage 2: 3 weken
    Code 05400761006340000004 Level Uitdiepend
    Study time 180 Academic year 2013-14
    Study load 6 Semester 3

    Goals

    Tijdens de Uitvoerende stage 2 kan de student het ergotherapeutisch handelen doelgericht observeren en
    aan de hand van een assessement bijkomende info bekomen.

    Daarop verderbouwend bepaalt de student samen met de cliënt, in overleg met de stagementor, behandeldoelen op korte en lange termijn en voert vanuit deze doelen ergotherapeutische interventies uit voeren.
    Hij maakt zich hierbij de attitude van samenwerken en overleggen met een behandel- of zorgteam eigen.
    Op een professionele manier mondeling en schriftelijk rapporteren naar het team of naar andere instanties, worden als te bereiken competentie beschouwd.

    Vanuit de rol als manager draagt de student mee verantwoordelijkheid voor de organisatie en het verloop van de zijn ergotherapeutische interventies.

    Final competences



    LR.1. Als observator haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit het concrete handelen van de cliënt en het cliëntensysteem om zijn interventies te plannen en te sturen.



    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.



    LR.3. Als Assessor haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit testsituaties om een objectief beeld te krijgen van de mogelijkheden en beperkingen van de cliënt



    LR.4. Als assessor werkt de ergotherapeut actief mee aan het verfijnen van de bestaande diagnostiek en zorgt voor het opmaken van een specifiek ergotherapeutische diagnostiek.



    LR.5. Als behandelaar geeft de ergotherapeut op een methodische wijze een veranderingsproces vorm met als doel de mogelijkheden van de cliënt te optimaliseren zodat de kwaliteit van leven voor de cliënt verbetert.



    LR.6. Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.



    LR.7. Als adviseur begeleidt de ergotherapeut de cliënt en het cliëntsysteem op een methodische wijze in hun zoektocht naar middelen en/of aanpassingen die het handelen van de cliënt en het cliëntsysteem bevorderen.



    LR.8. Als adviseur handelt de ergotherapeut probleemoplossend op een flexibele,creatieve en duurzame manier. De ergotherapeut is kwaliteitsbewust door bestaande en nieuwe trends te volgen op het gebied van gezondheidszorg.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Anne Dejager
  • Frank Dejonghe
  • Annabel Deneckere
  • Bart Mistiaen
  • Linda Nuyttens
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Griet Vanhooren
  • Description Uitvoerende stage 2: 3 weken

    Contents

    De student wordt tijdens de stagelessen voorbereid tot de Uitvoerende stage 2

    De student loopt 105 uur stage (3 aaneensluitende weken) in één van de vier interventiedomeinen naar keuze.

    De student maakt een stagemap op conform het Stagevademecum Uitvoerende stage 2, uiteengezet tijdens de stagelessen.

    De student participeert aan de stagesupervisiegroepen. 

    Subcompetences

    De deelcompetenties en de evaluatiecriteria kunnen worden teruggevonden in het stagevademecum van het academiejaar 2011-2012, dat integraal deel uitmaakt van deze studiefiche. Het stagevademecum is ter beschikking via LEHO.

    Level

    Uitdiepend

    Activities

    opdracht / taakgericht onderwijs werkplekleren (stage e.d.) doceren/hoorcollege demonstreren groepsdiscussie

    Lecturer(s)

  • Anne Dejager
  • Frank Dejonghe
  • Annabel Deneckere
  • Bart Mistiaen
  • Linda Nuyttens
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Griet Vanhooren
  • Annick Laurez
  • Activities

    Stagemap:

    Bevat stagedocumenten en verslaggeving conform het 'Stagevademecum Uitvoerendestage 2013_2014'.
    De map wordt ingediend aan de procesbegeleider tijdens de supervisie 
     
    Participatie tijdens de contactmomenten in het kader van procesbegeleiding 

    Na de stage: supervisie in groep met reflectie op de voorbije stage.

    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 & 2 examenperiode 2 buiten examenrooster permanente evaluatie: andere vorm of combinatie van vormen 100 5% procesbegeleiding, 5% stagemap, 90% stage. Alle delen dienen afgelegd te worden.
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Ergotherapie en fysieke problematiek 2
    Code 05400761006330000005 Level Uitdiepend
    Study time 90 Academic year 2013-14
    Study load 3 Semester 4

    Goals

    De student verwerft kennis, inzicht en technische vaardigheden binnen de fysieke revalidatie en kan deze ook observeren en rapporteren. De verschillende assesments en interventies komen aan bod. De student leert om specifiek per pathologie een aangepaste behandeling voor te stellen en passend advies te geven aan de cliënt en het cliëntensysteem.

    De student kan een casus uitwerken en deze presenteren. De student werkt samen in groep.

    Starting/initial competences

    Geen specifieke begincompetenties

    Module team

  • Anne Dejager
  • Kim Dujardin
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Assessment, interventies en ergonomische principes 60 2 Integratie 30 1

    Description Assessment, interventies en ergonomische principes

    Contents

    Verschillende assesments, hulpmiddelen en interventies, niet specifiek gelinkt aan een pathologie, worden overlopen.
    Assistive technologie: rolstoel en hulpmiddelen.
    Analyseren van het gangpatroon, assessment en behandeling.
    Evenwichtsstoornissen, assessment en behandeling.
    Cognitieve stoornissen.
    Handrevalidatie, assessments en behandeling.
    Generische en specifieke assessments binnen de fysieke revalidatie.
    Positionering, transfer en behandeling volgens de Bobath benadering.


    Subcompetences

    Level

    Activities

    doceren/hoorcollege rollenspel en/of simulatiespel werkcollege (oefeningen, labo...)

    Lecturer(s)

  • Anne Dejager
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100

    Description Integratie

    Contents

    In de vorm van groepswerk moeten de studenten een casus uitwerken.

    De vorm van de uitwerking: alle fasen van het CPPF worden overlopen. Het toegevoegde model is ICF en een opgelegd model door de lectoren.

    De vorm van presenteren is een gestructureerde ppt die tijdens de examenperiode wordt voorgesteld aan de medestudenten. De medestudenten die dezelfde casus behandelen zijn opponent. Studenten scoren het verloop adhv  peerassessment.

    Subcompetences

    Level

    Activities

    groepswerk probleemgestuurd onderwijs of case-studie werkplekleren (stage e.d.)

    Lecturer(s)

  • Kim Dujardin
  • Anne Dejager
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: andere vorm of combinatie van vormen 100 Presentatie: 50% Peer assessment: 50% 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: andere vorm of combinatie van vormen 100 Presentatie: 50% Peer assessment: 50%
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Ergotherapie en geestelijke gezondheidszorg 2
    Code 05400761006336000005 Level Uitdiepend
    Study time 90 Academic year 2013-14
    Study load 3 Semester 4

    Goals

    De student kent de ergotherapeutische interventies die gehanteerd kunnen worden binnen de geestelijke gezondheidszorg en kan deze toepassen. De student kan coachingstechnieken hanteren.

    De student kan een casus uitwerken en deze presenteren. De student werkt samen in groep

    Starting/initial competences

    Geen specifieke begincompetenties

    Module team

  • Fientje Goethals
  • Annick Mahieu
  • Siska Vandemaele
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Basisvaardigheden coaching 60 2 Integratie 30 1

    Description Basisvaardigheden coaching

    Contents

    Deze module is het vervolg op de module Geestelijke Gezondheidszorg 1.
    In het partim Basisvaardigheden coaching krijgt de student kennis en inzicht (o.a. via oefeningen) in ergotherapeutische interventies, vertrekkend vanuit de verschillende pathologieën: psychosen, persoonlijkheidsstoornissen, stemmingsstoornissen en afhankelijkheidsproblematiek.
    Over de doelgroepen heen wordt dieper ingegaan op coachingstechnieken (incl. gesprekstechnieken) coping-strategieën, motivatiemodellen, arbeidsrehabilitatie,...

    Subcompetences

    Level

    Activities

    doceren/hoorcollege groepsdiscussie rollenspel en/of simulatiespel probleemgestuurd onderwijs of case-studie

    Lecturer(s)

  • Fientje Goethals
  • Siska Vandemaele
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100

    Description Integratie

    Contents

    In de vorm van groepswerk moeten de studenten een casus uitwerken.

    De casus wordt aangeleverd via Leho. De vormen van uitwerking: alle fasen van het OPPM worden overlopen, toegevoegde modellen zijn keuze uit een ergotherapeutisch model en het ICF.

    De vorm van presenteren is een gestructureerde ppt die tijdens de examenperiode wordt voorgesteld aan de medestudenten. De medestudenten zijn opponent en scoren mee, de studenten scoren het verloop aan de hand van peer-assessment.

    Subcompetences

    Level

    Activities

    doceren/hoorcollege rollenspel en/of simulatiespel werkcollege (oefeningen, labo...) probleemgestuurd onderwijs of case-studie werkplekleren (stage e.d.)

    Lecturer(s)

  • Annick Mahieu
  • Siska Vandemaele
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster opdracht: andere vorm of combinatie van vormen 100 presentatie 50% peer-assessment 50% 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster opdracht: andere vorm of combinatie van vormen 100 presentatie 50% peer-assessment 50%
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Ergotherapie en geriatrische problematiek 2
    Code 05400761006333000005 Level Uitdiepend
    Study time 90 Academic year 2013-14
    Study load 3 Semester 4

    Goals

    De student verwerft kennis en inzicht in de geriatrische problematieken en kan deze ook observeren en rapporteren. Hij kan ook de relevante modellen en meetinstrumenten gebruiken, behandelplan opstellen (multidisciplinair) en passend advies geven aan de cliënt en het cliëntensysteem. Als lid van het multidisciplinaire team kadert de ergothepreut de actuele thema's binnen ouderenzorg.

    De student kan een casus uitwerken en deze presenteren. De student werkt samen in groep

    Starting/initial competences

    Geen specifieke begincompetenties

    Module team

  • Annick Laurez
  • Linda Nuyttens
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Actuele thema's binnen de geriatrie 60 2 Integratie 30 1

    Description Actuele thema's binnen de geriatrie

    Contents

    In het tweede deel van ergotherapie en geriatrische problematiek komen verschillende domeinen en thema's aan bod. Enkele voorbeelden zijn : Omgaan met familie, rouwen en palliatieve zorgen, intimiteit en seksualiteitsbeleving bij ouderen, ouderenpsychiatrie, optimaliseren van de fysieke omgeving, diversiteit en ouderen, ethische reflecties, cognitieve training bij ouderen, active ageing, architectonica, levenslang wonen, ICT en ouderen.
    Zinvolle dagbesteding in de thuiszorg aan de hand van het ergotherapeutisch programma : 'Pluk de dag' van Nachtergaele E, Braekman G en Deltour B.
    Nederlandse EDOMAH - programma van Maud Graff (2010): Ergotherapie aan huis bij personen met dementie en hun mantelzorgers.

    Subcompetences

    Level

    Activities

    doceren/hoorcollege groepswerk probleemgestuurd onderwijs of case-studie excursie

    Lecturer(s)

  • Linda Nuyttens
  • Activities

    Groepswerk: De studenten krijgen een actueel thema in de geriatrie.  De bedoeling is dat de studenten het onderwerp kritisch bespreken aan de hand van 1 relevant wetenschappelijk artikel en een werkbezoek maken.  De outcome is een powerpoint en een poster. De presentatie daarvan gebeurt op een creatieve manier voor de groep.

    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: schriftelijk 75 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 75 1 examenperiode 2 buiten examenrooster examen: andere vorm of combinatie van vormen 25 project : actuele thema's en werkbezoek 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: andere vorm of combinatie van vormen 25 Project : actuele thema's en werkbezoek

    Description Integratie

    Contents


    In de vorm van groepswerk moeten de studenten een casus uitwerken.

    De vorm van de uitwerking : alle fasen van het CPPF worden overlopen.  Het toegevoegde model is ICF en een opgelegd model door de lectoren.

    De vorm van presenteren is een gestructureerde ppt die tijdens de examenperiode wordt voorgesteld aan de medestudenten.  de medestudenten die dezelfde casus behandelen zijn opponent.  Studenten scoren het verloop adhv peerassessment.

    Subcompetences

    Level

    Activities

    groepswerk probleemgestuurd onderwijs of case-studie werkplekleren (stage e.d.)

    Lecturer(s)

  • Annick Laurez
  • Linda Nuyttens
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: andere vorm of combinatie van vormen 100 Presentatie 50% Peer assessment 50% 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: andere vorm of combinatie van vormen 100 Presentatie 50 % Peer assessment : 50%
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Ergotherapie en ontwikkelingsproblematiek 2
    Code 05400761006334000005 Level Uitdiepend
    Study time 90 Academic year 2013-14
    Study load 3 Semester 4

    Goals

    Mondelinge of schriftelijke gegevens verzamelen.
    Ergotherapeutisch onderzoek: observaties en assessments.
    Interventies: handelen in relatie tot aandoening en levensfase.

    De student kan een casus uitwerken en deze presenteren. De student werkt samen in groep

    Starting/initial competences

    Geen specifieke begincompetenties

    Module team

  • Silvia Dumazy
  • Stefanie Rigolle
  • Magda Van Soom
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Integratie 30 1 Ontwikkelingsproblematiek en kinderrevalidatie 60 2

    Description Integratie

    Contents

    In de vorm van groepswerk moeten de studenten een casus uitwerken.
    De vorm van de uitwerking: alle fasen van het CPPF worden overlopen. Het toegevoegde model is ICF en een opgelegd model door de lectoren.
    De vorm van presenteren is een gestructureerde PPT die tijdens de examenperiode wordt voorgesteld aan medestudenten De medestudenten die dezelfde casus behandelen zijn opponent. Studenten scoren adhv peerassessment.

    Subcompetences

    Level

    Activities

    groepswerk probleemgestuurd onderwijs of case-studie werkplekleren (stage e.d.)

    Lecturer(s)

  • Silvia Dumazy
  • Magda Van Soom
  • Activities


    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: andere vorm of combinatie van vormen 100 Presentatie: 50% Peer assessment: 50% 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: andere vorm of combinatie van vormen 100 Presentatie: 50% Peer assessment: 50%

    Description Ontwikkelingsproblematiek en kinderrevalidatie

    Contents

    Deel Stefanie Rigolle:
    Ergotherapeutische benaderingswijzen van onderstaande problematieken:
    NAH
    Neuromusculaire aandoeningen
    Spina bifida
    CVI
    DCD
    Assessment: AMPS, Dotca-CH, Inzicht-koffer
    Praktijkgerichte activiteitenanalyse en formuleren van doelstellingen.
    Mobiliteit en statoestellen


    Deel Magda Van Soom
    ET en ontwikkelingsproblematiek 2: Een bestaande casus analyseren, een plan van aanpak formuleren, interventies voorstellen.

    Subcompetences

    Level

    Activities

    doceren/hoorcollege demonstreren

    Lecturer(s)

  • Stefanie Rigolle
  • Magda Van Soom
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 Deel Kinderrevalidatie en deel ontwikkelingsproblematiek wordt gebundeld tot één examen. 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 Deel kinderrevalidatie en deel ontwikkelingsproblematiek wordt gebundeld tot één examen
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Kwaliteitszorg in de ergotherapie
    Code 05400761006338000005 Level Inleidend
    Study time 90 Academic year 2013-14
    Study load 3 Semester 4

    Goals

    De student leert via onderzoeksmethodologische begrippen een wetenschappelijk artikel te begrijpen. De student leert specifieke taakgebieden binnen het domein van de ergotherapie kennen en beroepseigen methodieken in een skillslab inoefenen.
    De student leert de principes van klinisch redeneren, methodisch handelen en ergotherapeutisch methodisch handelen kennen om kwaliteitszorg in de therapiesetting (werkplek) te verhogen en te bewaken.
    De student leert het belang van management in een setting aan de hand van bepaalde technieken.
    De student leert de basisiprincipes van statistiek kennen. De student kan een grafiek interpreteren.

    Final competences

    LR.1. Als observator haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit het concrete handelen van de cliënt en het cliëntensysteem om zijn interventies te plannen en te sturen.




    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.



    LR.5. Als behandelaar geeft de ergotherapeut op een methodische wijze een veranderingsproces vorm met als doel de mogelijkheden van de cliënt te optimaliseren zodat de kwaliteit van leven voor de cliënt verbetert.



    LR.6. Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.



    LR.9. Als manager zorgt de ergotherapeut mee voor het optimaal functioneren van de dienst ergotherapie in het geheel  van de organisatie



    LR. 10. Als teamplayer functioneert de ergotherapeut efficiënt als lid van een team, neemt medeverantwoordelijkheid op voor collectieve resultaten en heeft zicht op zijn eigen rol voor de organisatie, zowel binnen de organisatie als in de bredere maatschappelijke context.



    LR.11. Als onderzoeker werkt de ergotherapeut mee aan toegepast wetenschappelijk onderzoek. De ergotherapeut voert daarbij eenvoudige, afgebakende onderzoeksopdrachten zelfstandig uit en rapporteert daarover aan vakgenoten en/of leken.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Anne Dejager
  • Fientje Goethals
  • Outline of the partims

    Partim Study time Study load
    Grondslagen 30 1 Management 30 1 Statistiek 30 1

    Description Grondslagen

    Contents

    Kwaliteitszorg in de zorgverlening (hfst 25 Handboek Grondslagen)
    PDCA
    Gantt chart
    SMART
    RUMBA
    zorgpaden/klinische paden
    multidisciplinair
    onderzoek naar modellen
    evidence-based werken

    Subcompetences

    DC.5.1. De student kiest en gebruikt op een doordachte manier methoden en modellen geschikt voor de omstandigheden die het best aansluiten bij de cliënt/cliëntsysteem.

    DC.5.2. De student lost op een strategische manier een probleem op. De oplossingsmethode wordt gestructureerd en stapsgewijs toegepast.

    DC.6.1 De student redeneert en antwoordt op een logische manier. Hij motiveert en argumenteert zijn handelen op een gestructureerde manier.

    DC.6.3. De student kadert de resultaten van zijn handelen in bestaande theoretische referentiekaders.

    DC.10.1. De student linkt het ergotherapeutisch handelen aan het handelen van andere disciplines.

    Level

    Uitdiepend

    Activities

    doceren/hoorcollege opdracht / taakgericht onderwijs

    Lecturer(s)

  • Anne Dejager
  • Activities

    Gantt chart maken in functie van bachelorproef

    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 Het schriftelijk examen van deze module, de vakken management, statistiek en grondslagen, is gemeenschappelijk. 1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 Het schriftelijk examen van deze module, de vakken management, statistiek en grondslagen, is gemeenschappelijk.

    Description Management

    Contents

    • Organiseren
    • Vergaderen
    • Taakverdeling
    • Presenteren - Spreken voor een groep
    • Feedback geven en ontvangen
    • Coördineren

    Subcompetences

    DC.1.5. De student bouwt veiligheid in zijn observaties in door het effect van zijn/haar persoonlijke culturele identiteit een plaats te geven in de observaties.



    DC.2.1. De student zoekt informatie in  recente cursussen, wetenschappelijke documenten aangevuld met  beschikbare literatuur in de instelling.



    DC.9.1. De student detecteert eigen functioneringsproblemen, al dan niet persoonsgebonden



    DC.9.5. De student bouwt een respectvolle relatie op met zijn teamleden : afspraken worden nageleefd.



    DC.10.1. De student linkt het ergotherapeutisch handelen aan het handelen van andere disciplines.



    DC.10.3. De student zorgt er voor dat hij weet heeft welke verwachtingen en eisen gesteld worden voor de mondelinge en/of schriftelijke rapportering. Hij kan deze dan ook op correcte manier toepassen.



    DC.10.6. De student reageert niet primair emotioneel op het krijgen van opmerkingen door zowel therapeuten als cliënt.


    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege groepsdiscussie

    Lecturer(s)

  • Fientje Goethals
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 Het schriftelijk examen van deze module, de vakken management, statistiek en grondslagen, is gemeenschappelijk. 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 Het schriftelijk examen van deze module, de vakken management, statistiek en grondslagen, is gemeenschappelijk.

    Description Statistiek

    Contents

    De inhoudstafel van het boek statistiek in stappen wordt gevolgd.
    In de lessen worden bepaalde begrippen verder uitgediept.

    Subcompetences

    DC.11.3. De student vertaalt de resultaten van zijn opdrachten op objectieve manier en past zijn terminologie aan aan vakgenoten en/of leken.

    Level

    Inleidend

    Activities

    doceren/hoorcollege

    Lecturer(s)

  • Anne Dejager
  • Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 Het schriftelijk examen van deze module, de vakken management, statistiek en grondslagen, is gemeenschappelijk. 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: schriftelijk 100 Het schriftelijk examen van deze module, de vakken management, statistiek en grondslagen, is gemeenschappelijk.
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Uitvoerende stage 2: 3 weken
    Code 05400761006340000004 Level Uitdiepend
    Study time 180 Academic year 2013-14
    Study load 6 Semester 4

    Goals

    Tijdens de Uitvoerende stage 2 kan de student het ergotherapeutisch handelen doelgericht observeren en
    aan de hand van een assessement bijkomende info bekomen.

    Daarop verderbouwend bepaalt de student samen met de cliënt, in overleg met de stagementor, behandeldoelen op korte en lange termijn en voert vanuit deze doelen ergotherapeutische interventies uit voeren.
    Hij maakt zich hierbij de attitude van samenwerken en overleggen met een behandel- of zorgteam eigen.
    Op een professionele manier mondeling en schriftelijk rapporteren naar het team of naar andere instanties, worden als te bereiken competentie beschouwd.

    Vanuit de rol als manager draagt de student mee verantwoordelijkheid voor de organisatie en het verloop van de zijn ergotherapeutische interventies.

    Final competences



    LR.1. Als observator haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit het concrete handelen van de cliënt en het cliëntensysteem om zijn interventies te plannen en te sturen.



    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.



    LR.3. Als Assessor haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit testsituaties om een objectief beeld te krijgen van de mogelijkheden en beperkingen van de cliënt



    LR.4. Als assessor werkt de ergotherapeut actief mee aan het verfijnen van de bestaande diagnostiek en zorgt voor het opmaken van een specifiek ergotherapeutische diagnostiek.



    LR.5. Als behandelaar geeft de ergotherapeut op een methodische wijze een veranderingsproces vorm met als doel de mogelijkheden van de cliënt te optimaliseren zodat de kwaliteit van leven voor de cliënt verbetert.



    LR.6. Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.



    LR.7. Als adviseur begeleidt de ergotherapeut de cliënt en het cliëntsysteem op een methodische wijze in hun zoektocht naar middelen en/of aanpassingen die het handelen van de cliënt en het cliëntsysteem bevorderen.



    LR.8. Als adviseur handelt de ergotherapeut probleemoplossend op een flexibele,creatieve en duurzame manier. De ergotherapeut is kwaliteitsbewust door bestaande en nieuwe trends te volgen op het gebied van gezondheidszorg.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Anne Dejager
  • Frank Dejonghe
  • Annabel Deneckere
  • Bart Mistiaen
  • Linda Nuyttens
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Griet Vanhooren
  • Description Uitvoerende stage 2: 3 weken

    Contents

    De student wordt tijdens de stagelessen voorbereid tot de Uitvoerende stage 2

    De student loopt 105 uur stage (3 aaneensluitende weken) in één van de vier interventiedomeinen naar keuze.

    De student maakt een stagemap op conform het Stagevademecum Uitvoerende stage 2, uiteengezet tijdens de stagelessen.

    De student participeert aan de stagesupervisiegroepen. 

    Subcompetences

    De deelcompetenties en de evaluatiecriteria kunnen worden teruggevonden in het stagevademecum van het academiejaar 2011-2012, dat integraal deel uitmaakt van deze studiefiche. Het stagevademecum is ter beschikking via LEHO.

    Level

    Uitdiepend

    Activities

    opdracht / taakgericht onderwijs werkplekleren (stage e.d.) doceren/hoorcollege demonstreren groepsdiscussie

    Lecturer(s)

  • Anne Dejager
  • Frank Dejonghe
  • Annabel Deneckere
  • Bart Mistiaen
  • Linda Nuyttens
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Griet Vanhooren
  • Annick Laurez
  • Activities

    Stagemap:

    Bevat stagedocumenten en verslaggeving conform het 'Stagevademecum Uitvoerendestage 2013_2014'.
    De map wordt ingediend aan de procesbegeleider tijdens de supervisie 
     
    Participatie tijdens de contactmomenten in het kader van procesbegeleiding 

    Na de stage: supervisie in groep met reflectie op de voorbije stage.

    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 & 2 examenperiode 2 buiten examenrooster permanente evaluatie: andere vorm of combinatie van vormen 100 5% procesbegeleiding, 5% stagemap, 90% stage. Alle delen dienen afgelegd te worden.
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Bachelorproef
    Code 05400761003214000004 Level Gespecialiseerd
    Study time 270 Academic year 2013-14
    Study load 9 Semester 5

    Goals

    De Bachelorproef is een afstudeerproject waar de student de integratie van kennis in de praktijk bewijst.

    De student dient hiervoor een project uit te werken met enerzijds een 'product' van deze praktijkervaring en anderzijds zijn kennis, vaardigheden en beroepshouding omtrent dit project neer te schrijven in een scriptie.

    Dit project kan een een tegemoetkoming zijn op een vraag of een probleem uit het werkveld, kan een deel van een onderzoek of vergelijkende studie zijn, kan een case-studie of een innovatief project zijn.


    Final competences

    LR.1. Als observator haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit het concrete handelen van de cliënt en het cliëntensysteem om zijn interventies te plannen en te sturen.



    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.



    LR.3. Als Assessor haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit testsituaties om een objectief beeld te krijgen van de mogelijkheden en beperkingen van de cliënt



    LR.4. Als assessor werkt de ergotherapeut actief mee aan het verfijnen van de bestaande diagnostiek en zorgt voor het opmaken van een specifiek ergotherapeutische diagnostiek.



    LR.5. Als behandelaar geeft de ergotherapeut op een methodische wijze een veranderingsproces vorm met als doel de mogelijkheden van de cliënt te optimaliseren zodat de kwaliteit van leven voor de cliënt verbetert.



    LR.6. Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.



    LR.7. Als adviseur begeleidt de ergotherapeut de cliënt en het cliëntsysteem op een methodische wijze in hun zoektocht naar middelen en/of aanpassingen die het handelen van de cliënt en het cliëntsysteem bevorderen.



    LR.8. Als adviseur handelt de ergotherapeut probleemoplossend op een flexibele,creatieve en duurzame manier. De ergotherapeut is kwaliteitsbewust door bestaande en nieuwe trends te volgen op het gebied van gezondheidszorg.



    LR.9. Als manager zorgt de ergotherapeut mee voor het optimaal functioneren van de dienst ergotherapie in het geheel van de organisatie



    LR. 10. Als teamplayer functioneert de ergotherapeut efficiënt als lid van een team, neemt medeverantwoordelijkheid op voor collectieve resultaten en heeft zicht op zijn eigen rol voor de organisatie, zowel binnen de organisatie als in de bredere maatschappelijke context.



    LR.11. Als onderzoeker werkt de ergotherapeut mee aan toegepast wetenschappelijk onderzoek. De ergotherapeut voert daarbij eenvoudige, afgebakende onderzoeksopdrachten zelfstandig uit en rapporteert daarover aan vakgenoten en/of leken.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Ingrid Blondeel
  • Danielle De Groote
  • Anne Dejager
  • Frank Dejonghe
  • Annick Laurez
  • Bart Mistiaen
  • Linda Nuyttens
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Griet Vanhooren
  • Description Bachelorproef

    Contents

    De inhoud van de bachelorproef kent zowel theoretische als praktische verdieping.

    We verwijzen voor verdere uitleg naar het Vademecum Bachelorproef.

    Tijdens de bachelorproeflessen worden alle afspraken i.v.m. de Bachelorproef doorgegeven. Begeleidende ppt (met alle te volgen afspraken) wordt doorgegeven via Leho. Bachelorproeflessen zijn verplicht te volgen, net zoals alle afspraken die worden doorgegeven.

    Subcompetences

    De deelcompetenties en de evaluatiecriteria kunnen worden teruggevonden in het vademecum Bachelorproef van het academiejaar 2011-2012, dat integraal deel uitmaakt van deze studiefiche. Het vademecum Bachelorproef is ter beschikking via LEHO.

    Level

    Gespecialiseerd

    Activities

    project / projectonderwijs begeleid zelfstandig leren of zelfstudiepakket doceren/hoorcollege werkplekleren (stage e.d.) werkplekleren (stage e.d.)

    Lecturer(s)

  • Ingrid Blondeel
  • Danielle De Groote
  • Anne Dejager
  • Frank Dejonghe
  • Annick Laurez
  • Bart Mistiaen
  • Linda Nuyttens
  • Magda Van Soom
  • Siska Vandemaele
  • Griet Vanhooren
  • Annabel Deneckere
  • Activities

    De opdracht van de Bachelorproef wordt beschreven in het vademecum Bachelorproef 2013-2014 dat integraal deel uitmaakt van deze studiefiche.

    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 examenperiode 2 (juni) binnen examenrooster examen: andere vorm of combinatie van vormen 100 Trajecters: ook eerste examenkanst in januari mogelijk 2 examenperiode 3 (augustus/september) binnen examenrooster examen: andere vorm of combinatie van vormen 100
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Participerende stage
    Code 05400761011350000004 Level Gespecialiseerd
    Study time 0 Academic year 2013-14
    Study load 18 Semester 5

    Goals

    Tijdens de Participerende stage beplaalt de student samen met de cliënt, behandeldoelen op korte en lange termijn, gebaseerd op de mogelijkheden en wensen van de cliënt. Intake, assemement(s) en objectieve en gerichte observaties van het ergotherapeutisch handelen vormen hiervoor de basis.
     
    Hieraan gekoppeld stelt hij een therapieplan op en voert ergotherapeutische interventies uit die hij cliëntgericht afstemt, evalueert en bijstuurt.

    Vanuit de principes van management en kwaliteitszorg leert men verantwoordelijkheid dragen voor de organisatie en het verloop van de ergotherapeutische interventies in het kader van (inter)disciplinaire werking. Het linken van professionele wetenschappelijke literatuur aan de praktische vaardigheden is een belangrijke pijler in het stageproces.

    Final competences

    LR.1. Als observator haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit het concrete handelen van de cliënt en het cliëntensysteem om zijn interventies te plannen en te sturen.



    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.



    LR.3. Als Assessor haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit testsituaties om een objectief beeld te krijgen van de mogelijkheden en beperkingen van de cliënt



    LR.4. Als assessor werkt de ergotherapeut actief mee aan het verfijnen van de bestaande diagnostiek en zorgt voor het opmaken van een specifiek ergotherapeutische diagnostiek.



    LR.5. Als behandelaar geeft de ergotherapeut op een methodische wijze een veranderingsproces vorm met als doel de mogelijkheden van de cliënt te optimaliseren zodat de kwaliteit van leven voor de cliënt verbetert.



    LR.6. Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.



    LR.7. Als adviseur begeleidt de ergotherapeut de cliënt en het cliëntsysteem op een methodische wijze in hun zoektocht naar middelen en/of aanpassingen die het handelen van de cliënt en het cliëntsysteem bevorderen.



    LR.8. Als adviseur handelt de ergotherapeut probleemoplossend op een flexibele,creatieve en duurzame manier. De ergotherapeut is kwaliteitsbewust door bestaande en nieuwe trends te volgen op het gebied van gezondheidszorg.



    LR.9. Als manager zorgt de ergotherapeut mee voor het optimaal functioneren van de dienst ergotherapie in het geheel van de organisatie



    LR. 10. Als teamplayer functioneert de ergotherapeut efficiënt als lid van een team, neemt medeverantwoordelijkheid op voor collectieve resultaten en heeft zicht op zijn eigen rol voor de organisatie, zowel binnen de organisatie als in de bredere maatschappelijke context.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Annick Laurez
  • Description Participerende stage

    Contents

    De student wordt tijdens de stagelessen voorbereid tot de Participerende stage

    De student loopt 290 stage (verspreid over 9 weken) in één van de vier interventiedomeinen naar keuze.

    De student maakt een stagemap op conform aan de omschrijving in het stagevademecum Participerende stage, uiteengezet tijdens de stagelessen.

    De student participeert in de stage-intervisiegroepen.

    Subcompetences

    De deelcompetenties en de evaluatiecriteria kunnen worden teruggevonden in het stagevademecum van het academiejaar 2011-2012, dat integraal deel uitmaakt van deze studiefiche. Het stagevademecum is ter beschikking via LEHO.

    Level

    Gespecialiseerd

    Activities

    opdracht / taakgericht onderwijs werkplekleren (stage e.d.) doceren/hoorcollege demonstreren onderwijsleergesprek en klasgesprek

    Lecturer(s)

  • Annick Laurez
  • Activities

    Stagemap met stagedocumenten conform het vademecum Participerende stage 2013-2014

    Participatie tijdens de contactmomenten in het kader van procesbegeleiding
    o Voor de stage: contactmoment voor het formuleren van leerdoelen
    o Na de stage: intervisie in groep met reflectie op de voorbije stage.

    Constitution of the exam mark

    Exam chance Moment of evaluation Form of evaluation % Remark
    1 & 2 examenperiode 2 buiten examenrooster permanente evaluatie: andere vorm of combinatie van vormen 100 5% procesbegeleiding, 5% stagemap, 90% stage. Alle delen dienen afgelegd te worden.
     
    Department Howest-Kortrijk
    Course Bachelor in de ergotherapie
    Specialization [standaardtraject] [wellnesscoaching] [Adaptation & Design] [Wellness & Coaching]
    Module Participerende stage: 8 weken
    Code 05400761010974000004 Level Gespecialiseerd
    Study time 486 Academic year 2013-14
    Study load 18 Semester 5

    Goals

    Tijdens de Participerende stage beplaalt de student samen met de cliënt, behandeldoelen op korte en lange termijn, gebaseerd op de mogelijkheden en wensen van de cliënt. Intake, assemement(s) en objectieve en gerichte observaties van het ergotherapeutisch handelen vormen hiervoor de basis.
     
    Hieraan gekoppeld stelt hij een therapieplan op en voert ergotherapeutische interventies uit die hij cliëntgericht afstemt, evalueert en bijstuurt.

    Vanuit de principes van management en kwaliteitszorg leert men verantwoordelijkheid dragen voor de organisatie en het verloop van de ergotherapeutische interventies in het kader van (inter)disciplinaire werking. Het linken van professionele wetenschappelijke literatuur aan de praktische vaardigheden is een belangrijke pijler in het stageproces.

    Final competences

    LR.1. Als observator haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit het concrete handelen van de cliënt en het cliëntensysteem om zijn interventies te plannen en te sturen.



    LR.2. Als observator haalt de ergotherapeut de relevante gegevens uit de juiste informatiebronnen ( dossiers, disciplines,…). Hij verwerkt dit tot een cliëntgericht observatiekader dat bruikbaar is voor de planning en bijsturing van interventies.



    LR.3. Als Assessor haalt de ergotherapeut de nodige gegevens uit testsituaties om een objectief beeld te krijgen van de mogelijkheden en beperkingen van de cliënt



    LR.4. Als assessor werkt de ergotherapeut actief mee aan het verfijnen van de bestaande diagnostiek en zorgt voor het opmaken van een specifiek ergotherapeutische diagnostiek.



    LR.5. Als behandelaar geeft de ergotherapeut op een methodische wijze een veranderingsproces vorm met als doel de mogelijkheden van de cliënt te optimaliseren zodat de kwaliteit van leven voor de cliënt verbetert.



    LR.6. Als behandelaar voorziet de ergotherapeut in voortschrijdende evidentie voor zijn handelen in functie van de geformuleerde doelstellingen en behoeften van cliënt en het cliëntensysteem.



    LR.7. Als adviseur begeleidt de ergotherapeut de cliënt en het cliëntsysteem op een methodische wijze in hun zoektocht naar middelen en/of aanpassingen die het handelen van de cliënt en het cliëntsysteem bevorderen.



    LR.8. Als adviseur handelt de ergotherapeut probleemoplossend op een flexibele,creatieve en duurzame manier. De ergotherapeut is kwaliteitsbewust door bestaande en nieuwe trends te volgen op het gebied van gezondheidszorg.



    LR.9. Als manager zorgt de ergotherapeut mee voor het optimaal functioneren van de dienst ergotherapie in het geheel van de organisatie



    LR. 10. Als teamplayer functioneert de ergotherapeut efficiënt als lid van een team, neemt medeverantwoordelijkheid op voor collectieve resultaten en heeft zicht op zijn eigen rol voor de organisatie, zowel binnen de organisatie als in de bredere maatschappelijke context.

    Starting/initial competences

    Volgt uit de volgtijdelijkheid

    Module team

  • Ingrid Blondeel
  • Frank Dejonghe
  • Annabel Deneckere
  • Bart Mistiaen
  • Linda Nuyttens
  • Magda Van Soom
  • Febe Vandamme
  • Siska Vandemaele